Universiteit Leiden

Meer informatie: dienst Interne en Externe Communicatie, tel. 071-5273282

Studium generale

Lichaam en geest

Het lichaam-geest probleem is een klassiek probleem in de wijsbegeerte, waar sinds de Oudheid over gedacht en gedebatteerd wordt. Staat de geest los van het lichaam, of is ze reduceerbaar tot lichaam? Hoe interacteren lichaam en geest? Deze vragen zijn nog steeds zeer actueel in de filosofie. Niet zo vreemd natuurlijk. De mens is voor zover we weten de enige hogere diersoort die over zichzelf kan nadenken. In de meeste religies bestaat de mens dan ook uit minimaal twee componenten: lichaam en ziel, lichaam en meerdere zielen, lichaam, ziel en geest, etc. Neurologen, fysiologen, psychologen die onderzoek doen op het gebied van de hersenen, cognitie of bewustzijn hebben daarentegen eigenlijk maar met twee dingen te maken: organisme en buitenwereld. Maar ze kunnen hun werk, of ze willen of niet, onmogelijk ‘blanco’ uitoefenen, voorbijgaand aan die intuïtieve indeling tussen lichaam en geest, en aan eeuwen filosofische discussies. Ook artsen en psychologen ontkomen er niet aan. Wat betekent het onderscheid in lichaam en geest voor hen? Wat betekent de diagnose ‘het is psychisch’, of ‘psychosomatisch’? Wat betekent ‘bewustzijn’? Kunnen populaire zielsvoorstellingen en -ervaringen ooit wetenschappelijk toetsbaar worden gemaakt?

28-10 Lichaam en geest
Dr. Jan Sleutels, Faculteit Wijsbegeerte Universiteit Leiden Deze inleidende lezing bestaat uit twee delen. Het eerste deel geeft een korte geschiedenis van het denken over lichaam en geest, van de oude Grieken tot de Artificiële Intelligentie (AI)- en neurohype in onze tijd, met speciale aandacht voor René Descartes als vader van het lichaam-geest probleem in zijn typisch moderne vorm. Op grond van zo’n geschiedenis krijg je al snel het postmoderne gevoel dat al die visies min of meer facultatief zijn: waar zij vroeger stevig lagen verankerd in de vigerende leef- en denkwijzen, kunnen wij, heden ten dage, in onze pluriforme cultuur (of in onze cultuurloosheid), denken wat we willen. Is dat gevoel terecht? Het tweede deel gaat in op de vraag wat een ‘geest’ tegenwoordig zou kunnen of moeten zijn. Hebben wij nog wel een geest nodig, bijvoorbeeld om te denken? Tja…

4-11 Zoveel mensen, zoveel zielen
Dr. W.E.A. van Beek, religieus antropoloog, Universiteit Utrecht In de religieuze antropologie en de vergelijkende godsdienstwetenschap staat variatie voorop, variatie in geloofssystemen, mensvisies en wereldbeschouwing. Wie van een ziel spreekt, spreekt van een zelfbeeld van de mens, een beeld dat nauw samenhangt met de hele religie en wereldbeschouwing. Het hebben van een ziel, van EEN ziel, is standaard in de westerse cultuur. Andere culturen kennen meerdere zielen, of kennen het begrip nauwelijks. Wat voor variatie is er in zielsconcepten? Waar hangt die variatie van af, en wat is de samenhang met maatschappelijke verhoudingen? Tenslotte, wat zegt ons traditioneel Christelijke of postmoderne zielsbegrip over onszelf en onze samenleving?

11-11 De biologische geest in een biologisch lichaam Prof. dr. Wim van de Grind, Vergelijkende fysiologie en Helmholtz Instituut, Universiteit Utrecht
De betekenis van een uitspraak is natuurlijk iets anders dan de dragende geluidsgolven of drukinkt. Op analoge wijze is de geest iets anders dan de hersenen of het lichaam. Er is echter niets mystieks of onbiologisch aan de geest, het zelfervaren geheel van betekenissen van onze hersenprocessen. De meeste hersenprocessen verlopen buiten het bewustzijn om en worden door de filosoof slechts vermoed, maar door de neurowetenschap bemeten. Van de overige zijn we ons wel bewust, ze zijn introspectief toegankelijk. De neurowetenschap weet het meest over de eerste groep processen, maar begint van de bewuste processen zowel lokalisatie als aard stap voor stap te ontrafelen. De voordracht gaat over de overeenkomsten en verschillen tussen hogere hersenprocessen, oftewel de ‘geest’ van voornamelijk zoogdieren, inclusief de mens. Er zal speciale aandacht worden besteed aan de ontrafeling van het bewuste waarnemen.

18-11 Stress! Invloed van gedachten en gevoelens op het lichaam Dr. Jos Brosschot, Klinische en gezondheidspsychologie, Universiteit Leiden Je vraagt mensen iets over hun gevoelens met een vragenlijstje, en dan blijken hun antwoorden lichamelijk reacties te voorspellen. Of: het immuunsysteem van een groep proefpersonen die geplaagd werd met een onmogelijke puzzel, is veranderd; dat van een niet geplaagde groep niet. En zij die de minste controle zeiden te hebben over de situatie, hadden het laagste aantal witte bloedcellen. Of: je maakt proefpersonen boos totdat hun bloeddruk flink stijgt, en laat de helft hun boosheid uiten. Zij die geen boosheid mochten uiten bleken langer hun hoge bloeddruk te behouden. Of: een vrouw zit ’s avonds laat twee uur te piekeren, en heeft gedurende dat piekeren een hartslag alsof ze flink aan het fietsen is. Allemaal voorbeelden van hoe de ‘geest’ overduidelijk het ‘lichaam’ beïnvloedt. De vraag is hoe dit werkt: waar gaat het ene in de ander over, of hoe vertelt de geest wat het lichaam moet doen? Wanneer is het gezond en wanneer niet? En waarom zou dit zo zijn, waarom zitten we zo in elkaar? Op deze vragen zullen vanuit de psychologie, psychofysiologie en evolutietheorie enige antwoorden worden voorgesteld.

25-11 Karma en Reïncarnatie
Dr. Hugo Verbrugh, arts en universitair hoofddocent aan de vakgroep Filosofie, Ethiek en Geschiedenis, faculteit geneeskunde, Erasmus Universiteit Rotterdam
Bijna een kwart van de Nederlanders meent dat de mens na zijn dood weer in het leven terugkomt. Mensen kunnen uiteraard veel troost ontlenen aan deze gedachte, maar zullen herinneringen aan een vorig leven ooit serieus wetenschappelijk onderzocht kunnen worden? Voor wetenschappers gaat het tenslotte om de toetsbaarheid van uitspraken. Dr. Hugo Verbrugh heeft zich juist deze wetenschappelijke bestudering van reïncarnatie-ervaringen ten doel gesteld, en is vurig pleitbezorger van serieus onderzoek naar ‘karma en reïncarnatie’. Hoe ziet zijn ‘onderzoeksagenda’ eruit?

Wanneer donderdagavonden
Tijd 20.30-22.00 uur

Plaats zaal 003 van gebouw 1175 (WSD-complex, Cleveringaplaats 1, Leiden)

Deel: ' Studium Generale Lichaam en geest '




Lees ook