D66 Nieuws


Debat crisis Europese Commissie

Thom de Graaf

17 maart 1999

Wie kennen in de Europese politiek de "nacht van de lange messen", die pleegt zich af te spelen aan het begin van een ambtsperiode van een nieuwe Europese Commissie. Opgesloten in een of ander kasteel vindt dan een bloedige strijd om de portefeuilles plaats, met winnaars en verliezers.
Sinds eergisteren kunnen we daar nu aan toevoegen de nacht van de lange gezichten. Een Commissie die verbitterd en verongelijkt haar ontslag aanbiedt.
De paradox van dit ontslag is dat een zwarte dag in de geschiedenis van de Europese Unie tegelijkertijd een grote democratische stap voorwaarts is.

Een zwarte dag omdat het rapport van de Commissie van Wijzen genadeloos het feilen van deze Commissie bloot legt en het beeld dat mensen van "Brussel" hebben, bevestigt: een ondoorzichtige bureaucratie, waar politieke leiding en ambtelijke diensten niet goed aansluiten, waar geen heldere transparante regels bestaan, waar in de krochten van het goedbetaalde apparaat ruimte bestaat voor slecht management, fraude, schending van regels en vriendjespolitiek. Een Commissie die niet op de hoogte is, geen supervisie uitvoert en initiatieven onderneemt zonder de benodigde middelen. Het begrip "verantwoordelijkheid" is slecht ontwikkeld in Brussel.

Dat beeld van onkunde en onvermogen moet misschien op onderdelen worden genuanceerd, maar feit blijft dat een zwakke Commissie geen verantwoordelijkheid heeft genomen. Dat een van haar leden rechtstreeks en persoonlijk vriendjespolitiek kan worden verweten en anderen daarvoor tenminste verantwoordelijkheid dragen, is eigenlijk al genoeg voor het politieke failliet van Santer en de zijnen. Het troebele beeld dat Europese burgers nu van Brussel hebben, kan maar moeizaam worden hersteld.

Een zwarte dag, maar toch een grote stap voorwaarts naar een volwassen Europese democratie. De Commissie-Santer is immers niet afgetreden omdat men geschokt was over het eigen onvermogen, maar omdat het Europees Parlement blijk gaf alle vertrouwen te hebben verloren. Het is in dit verband overigens uiterst raar dat de Commissie de deugdelijkheid van het rapport aanvecht maar het toch niet aandurft om het debat daarover aan te gaan. De winst zit dus niet bij de fiere opstelling van de Commissie, maar in die van het parlement. Waar Groenen, Liberalen en Democraten al twee maanden geleden hun democratische plicht wilden vervullen, door de Commissie heen te zenden, lieten nu eindelijk ook de oude machten (christen-democraten en socialisten) hun bescherming vallen. Laat, eigenlijk te laat. Een belangrijke stap in de Europese staatkundige geschiedenis, zoals elke volwaardige democratie die heeft doorgemaakt. In onze eigen parlementaire geschiedenis werd die kernregel van echte democratie, de vertrouwensregel, al meer dan 130 jaar gelden gevestigd en zonder de effectieve werking daarvan kan ook de Europese democratie niet functioneren.

Een stap op weg, een belangrijke stap maar nog lang niet genoeg. De Britse premier Blair kondigde gisteren aan dit moment te willen benutten om essentiële hervormingen door te voeren. Als dat betekent dat er politieke ruimte in Europa komt voor een zwaardere rol van het Europees parlement, dan willen wij hem daarin graag steunen. Krachtige parlementaire controle op basis van individuele verantwoordelijkheid is absoluut noodzakelijk.

Wat dient er nu te gebeuren? Wij spelen hier geen Europees Parlement, wij debatteren met de Nederlandse regering. Het gaat dus om de inzet van het kabinet in de Europese besluitvorming.

D66 meent dat deze commissie in demissionaire staat niet nog vrolijk meer dan 9 maanden kan doorsukkelen. Daar zal dus op de kortste termijn een oplossing voor moeten worden gevonden. De commissie zal in ieder geval de komende tijd de lopende zaken moeten afhandelen, maar mijn fractie vindt het onbestaanbaar als mevrouw Cresson dat zou meemaken. Nepotisme met de Franse slag hoort in geen enkele Commissie thuis.

Er moet zo spoedig mogelijk een nieuwe, volwaardige Commissie komen. Maar democratische volwaardigheid betekent in de eerste plaats dat de kiezers in Europa serieus worden genomen. Het nieuwe Europees Parlement zal over een nieuwe Commissie en de nieuwe voorzitter moeten oordelen en niet het EP dat op punt van vertrek staat. D66 vindt het dan ook zeer onjuist als de regeringsleiders op welke top dan ook voor 10 juni a.s. al een nieuwe voorzitter voordragen. Ook zij hebben de Europese democratie te respecteren, de nieuwe politieke verhoudingen in het EP kunnen van belang zijn voor de opstelling van die voordracht.

D66 pleit er daarom voor dat nu wordt voorzien in een "romp-commissie", die de komende maanden het lopende werk verricht en de komst van een nieuwe commissie voorbereidt. Wat D66 betreft kan die rompcommissie worden samengesteld uit de huidige commissarissen, met uitzondering van hen die ook het persoonlijke vertrouwen hebben verloren. Ook de heer Santer zou terug moeten treden. De nieuwe volwaardige commissie moet zo snel mogelijk na 10 juni worden samengesteld. Met passen en meten moet het mogelijk zijn dat voor augustus de investituur plaatsvindt. Volgens de Europese constitutie kan de nieuwe commissie dan het mandaat van de oude commissie afmaken en per 1-1-2000 aan haar eigen nieuwe mandaat beginnen. Het spreekt voor zich dat ik graag de gedachten van het kabinet hieromtrent hoor.
Dat brengt mij op een slotopmerking over de aanstaande top van Berlijn. Er wordt druk gespeculeerd over nieuwe namen voor de commissie. Het zal duidelijk zijn dat D66 vindt dat een voordracht voor een nieuwe volwaardige voorzitter nu nog niet aan de orde kan zijn. Wel de vorming van de interim-commissie.
Een belangrijke vraag die voorts speelt is of doorslaggevende besluitvorming over voor de Europese toekomst zo belangrijke zaken als de Agenda 2000 wel verantwoord is op een moment waarop de constitutionele lijnen worden getrokken. Bij ultieme besluitvorming binnen de Europese Raad dient volgens de zich ontwikkelende verhoudingen een volwaardige Commissie volwaardig tegenspel te kunnen bieden, volwaardig de Europese belangen tegenover 15 nationale belangen te kunnen verdedigen. Dat kan nu niet. De Commissie is zojuist een draai om haar oren gegeven en afgedropen. Kan in die situatie wel volwaardig en legitiem besluitvorming op het hoogste Europese niveau plaatsvinden? Ik heb hierover aarzelingen en hoor graag de visie van de minister-president hierop.

Thom de Graaf
Tel. 070 - 318 26 27
E-mail:Th.dGraaf@tk.parlement.nl

Deel: ' Thom de Graaf over crisis Europese Commissie '




Lees ook