Gemeente Utrecht

Toelichting op besluiten van het college van burgemeester en wethouders

4 maart 2003

Persconferentie naar aanleiding van de collegevergadering om 16.45u in de perskamer van het stadhuis.

1. Investeringskrediet bodemsanering 2002/2003 en bodemsaneringsprogramma 2003 Het college van burgemeester en wethouders heeft besloten voor zowel 2002 als 2003 EUR 272.000 uit het bodemfonds beschikbaar te stellen voor bodemonderzoek en bodemsaneringen. Ook stemt het college in met het bodemsaneringsprogramma 2003.

In het bodemsaneringsprogramma wordt jaarlijks vastgelegd waar in de gemeente Utrecht bodemonderzoek en bodemsanering zal plaatsvinden. In 2003 zal op een tiental terreinen bodemsanering worden uitgevoerd en zal op ongeveer 25 terreinen bodemonderzoek worden uitgevoerd. Een groot deel van deze inspanningen heeft in 2003 betrekking op gebieden in Leidsche Rijn en Dichterswijk-West.

De raadscommissie voor Verkeer en Beheer zal over het voorstel worden gehoord.

2. Beleids- en bestedingsplan Wet inschakeling werkzoekenden 2003 Het college heeft vandaag ingestemd met het beleids- en bestedingsplan 2003 Wet Inschakeling Werkzoekenden (Wiw). Voor scholing en activering is dit jaar een budget van EUR 15,4 miljoen beschikbaar. Met dit budget worden 1700 trajecten voor bijstandsgerechtigden en 350 trajecten voor niet-uitkeringsgerechtigden ontwikkeld. Daarnaast werken ongeveer 300 langdurig werklozen in een gesubsidieerde baan op grond van de Wiw.

Door middel van deze wet kunnen werkzoekenden via de Utrechtse Werkbedrijven gedetacheerd worden bij zowel de profit - als non-profitsector voor banen van maximaal 32 uur.

Voor wat betreft de beleidsuitgangspunten ligt ook in 2003 het accent op het bereiken van een sluitende aanpak voor alle werkloze werkzoekenden, de afspraken in het kader van de Agenda van de Toekomst, de integrale aanpak van de werkloosheidsproblematiek van de zeer langdurig werklozen in de GSB-wijken en een specifieke aanpak gericht op dak- en thuislozen, drugsverslaafden en allochtonen.

3. Uitbreiding kunstgrasvelden op Utrechtse sportparken Het college gaat de raad voorstellen om EUR 364.000 ter beschikking te stellen voor de aanleg van een rubberingestrooid trainingsveld alsmede voor de renovatie van het hoofdveld van vereniging Voorwaarts op sportpark De Berekuil. In 2001 heeft de gemeenteraad middels een amendement gevraagd kunstgrasvelden aan te leggen op de sportparken Lunetten, Voordorp en De Berekuil. Het veld op Voordorp is aangelegd in 2001, het veld op sportpark Lunetten in 2002. Het bedrag van EUR 1.365.000 bleek echter niet voldoende voor aanleg op sportpark De Berekuil. Het college stelt nu voor om de helft van het bedrag uit de investeringsplanning en de andere helft uit de lopende begroting te halen.

Ook komen er kunstgrasvelden op de sportparken van de verenigingen Kampong, Elinkwijk en Sporting. Kampong draagt zelf de kosten voor een kunstgrasveld voor hockey. Als gevolg van een amendement ingediend bij de begrotingsbehandeling 2003 betaalt de gemeente mee aan het kunstgrasveld voor voetbal. De gemeente zorgt ook voor herinrichting van twee andere velden, legt een toegangsweg aan bij het defensieterrein als ook een tijdelijke cricketpitch op Mytylweg. Ook de vereniging Sporting laat een rubberingestrooid kunstgras aanleggen. In verband met de groei van hun ledental en de mogelijke verplaatsing van korfbalvereniging VOGEL, die nu op sportpark De Dreef speelt, is uitbreiding noodzakelijk. De gemeente zorgt voor een kunstgras korfbalveld.

Voetbalvereniging Elinkwijk laat op eigen kosten hun trainingsveld ombouwen tot kunstgrasveld en past de veldverlichting aan.

Met de aanleg van de kunstgrasvelden Kampong, Sporting en Elinkwijk is een totaalbedrag gemoeid van EUR 1.500.000. De gemeente draagt maximaal EUR 1.050.000 bij. Het restant zal door de verenigingen zelf moeten worden opgebracht.

De in totaal zes nieuwe kunstgrasvelden betekenen een grote verbetering van de sportvoorzieningen. Het peil van de sportvoorzieningen gaat omhoog en er kunnen meer sporters toegelaten worden op de velden. 'Betere tijden ' dus voor Utrechte sportclubs en hun sporters.

4. Stadrecreatiekaart Utrecht
Het college stelt de raad voor om een 'stadrecreatiekaart' te laten maken en een bedrag van EUR 34.000 beschikbaar te stellen, eenderde van de totale kosten. Een stadrecreatiekaart is een wervende en informatieve kaart die op een originele manier de recreatiemogelijkheden in en om Utrecht in beeld brengt. Burgers van Utrecht worden op deze manier geïnformeerd over de recreatieve voorzieningen in (de omgeving van) Utrecht en hoe die met de fiets of ander vervoer te bereiken zijn.

Op dit moment hebben de steden Amersfoort en Hengelo/Enschede al dergelijke kaarten. Het initiatief hiertoe is genomen door het Landelijk Fietsplatform met deelname van de provincie Utrecht, Utrechts Bureau voor Toerisme, VVV, Utrechtse Recreatieschappen en de gemeente Utrecht. Tevens neemt de ANWB een financiële bijdrage voor zijn rekening.

Het is de bedoeling om de kaart tegen de zomer gratis huis-aan-huis te verspreiden. De kaart zal ook via internet worden aangeboden.

5. Stimulans voor vrijwilligerswerk
De gemeente wil het vrijwilligerswerk in Utrecht verder ondersteunen. Daarbij gaat het met name om het werven en behouden van vrijwilligers, faciliteiten en geld voor huisvesting, personeel en uitvoering. De behoefte aan deze ondersteuning blijkt ook uit de resultaten van een monitor, die vorig jaar is gehouden onder 1100 vrijwilligersorganisaties. Ook wil de gemeente lokale vrijwilligersorganisaties ondersteunen met gemeentelijke erkenning en waardering voor hun werk. Dit blijkt uit de nota 'Vrijwilligerswerk kloppend hart van de samenleving' die door het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld.

De nota bevat ook een actieprogramma voor de jaren 2002 en 2005. Er komt extra geld beschikbaar voor onder meer cursussen voor vrijwilligers, meer samenwerking tussen vrijwilligersorganisaties en bedrijfsleven, nieuwe vormen van vrijwilligerswerving, intercultureel vrijwilligerswerk, en werving van nieuwe doelgroepen waaronder (allochtone) jongeren. De nota is kaderstellend voor het gemeentelijk beleid voor lokaal vrijwilligerswerk. De Vrijwilligersadviesraad die in juni 20002 is opgericht, is nauw betrokken bij de ontwikkeling van het vrijwilligersbeleid en staat achter de nota. De uitvoering van de nota gebeurt in samenwerking met het veld en de Vrijwilligersadviesraad.

De gemeente Utrecht kiest ervoor om vooral ondersteunend en faciliterend op te treden, met respect voor de eigenheid en zelfstandigheid van de organisaties. Vrijwilligerswerk heeft een belangrijk aandeel in de sociale samenhang van de stad en in de vergroting van maatschappelijke participatie van haar inwoners. Daarom is het belangrijk dat de overheid er alles aan doet om het vrijwilligerswerk, het kloppend hart van de samenleving, te laten voortbestaan. In Utrecht zijn circa 70.000 vrijwilligers actief die wekelijks een inzet van 30.000-40.000 mensuren leveren in diverse sectoren waarvan sport verreweg de grootste is, op de voet gevolgd door zorg en welzijn.

Naast het reguliere jaarbudget voor vrijwilligerswerk van EUR 143.000 is voor de uitvoering van het actieprogramma 2002-2005 in totaal EUR 726.000 beschikbaar waarvan de helft in de vorm van subsidie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

6. Bezwaarschift tegen geweigerde bouwvergunning Ledig Erf ongegrond Het college heeft besloten het bezwaarschrift van het Maarssens Bouwbedrijf tegen de geweigerde bouwvergunning voor het bouwplan op het Ledig Erf ongegrond te verklaren.

Dit besluit is genomen omdat enerzijds een ruime meerderheid in de raadscommissie zich op 2 april 2002 tegen het bouwplan heeft uitgesproken. Anderzijds vindt het college dat zowel de omwonenden als de raadscommissie in 1997 onvoldoende zijn geconsulteerd over de Herijking Structuurvisie Ledig Erf.

Direct na de commissiebehandeling in april 2002 heeft het college opdracht gegeven tot het formuleren van nieuwe stedebouwkundige randvoorwaarden voor het Ledig Erf. Deze planidentificatie gaat binnenkort ter besluitvorming naar het college. Daarna worden de randvoorwaarden voor inspraak vrijgegeven. Wanneer de raadcommissie heeft ingestemd met deze randvoorwaarden, kan voor het Ledig Erf een nieuw bouwplan worden gemaakt.

Deel: ' Toelichting op besluiten college van B&W Utrecht '




Lees ook