Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Toespraak staatssecretaris Gijs de Vries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op de conferentie 'Wie de schakel past...' Een toespraak bij het onderwerp Brandweer en Rampenbestrijding 12 september 2001
Dames en heren,
Ik wil u meenemen naar de toekomst, naar de toekomst van de meldkamer. De meldkamers van politie, brandweer en de regionale ambulancevoorziening in Nederland zijn alle reeds enige tijd gecolokeerd. Dat wil zeggen dat zij opereren vanuit één gemeenschappelijke ruimte, dan wel vanuit aangrenzende ruimten binnen eenzelfde gebouw, met zoveel mogelijke geïntegreerde werkprocessen en een éénhoofdige leiding. In dit gebouw zijn in mijn beeld ook alle voorzieningen en ruimten ten behoeve van het grootschalig optreden en de rampenbestrijding ondergebracht. Het verzorgingsgebied van de gecolokeerde meldkamer stemt overeen met de 25 regios van de politie.
Als ik rondkijk op die meldkamer dan zie ik mensen die voor het beroep van centralist hebben gekozen én zijn opgeleid. Zij hebben allen een verplichte basisopleiding gevolgd al dan niet aangevuld met discipline specifieke opleidingen. Centralist zijn is over vijf jaar een vak waarvoor hoge eisen zullen gelden. Er zijn ten behoeve van de drie disciplines in de meldkamer referentiekaders beschikbaar. Daarin zijn de rol, de functie en de kwaliteitseisen beschreven waaraan een gecolokeerde meldkamer dient te voldoen onder dagelijkse omstandigheden, bij grootschalig optreden en bij rampen. Dit kader is door de belangenorganisaties aanvaard en onderschreven. Het bevordert het streven naar verdere kwaliteitsverbetering en het terugdringen van verwerkingstijden op de meldkamer. Ook in de nabije toekomst geldt onverminderd dat elke seconde telt.
Integratie van werkprocessen is bespreekbaar geworden. De diensten in de meldkamer zijn aan elkaar gewend. Er zijn constructies gevonden waarbij is voldaan aan de kwaliteitseisen die de ambulancesector stelt. Ook is de hulpverlening effectiever en efficiënter georganiseerd.
De diensten maken gebruik van geavanceerde communicatie- en informatiesystemen waaronder het Geïntegreerd Meldkamersysteem GMS en het digitale radionetwerk C2000. Er is een gemeenschappelijke ondersteuningsorganisatie die zowel voorziet in het gegevens- als in het technisch beheer.
De leidinggevenden, de eenheden, de overige sleutelfunctionarissen en extra centralisten worden bij een grootschalig incident of ramp zoveel mogelijk op geautomatiseerde wijze gealarmeerd conform de daarvoor geldende protocollen. Er wordt een interdisciplinair coördinatiepunt bij de meldkamer ingericht belast met de voortgangsbewaking van de opschaling, de informatie-uitwisseling tussen de diensten en het nader informeren van de gealarmeerde sleutelfunctionarissen. Het coördinatiepunt vormt in feite een soort meld- en opschalingscentrum. Op de gecolokeerde meldkamer zijn voldoende centralisten aanwezig om dit coördinatiepunt te bemensen en er is een leidinggevende aanwezig om de interdisciplinaire processen aan te sturen.
Tijdens een grootschalig incident treden de centralisten snel en effectief op. Zij zijn daartoe in staat omdat de werkwijze bij grootschalige incidenten en rampen zorgvuldig is doordacht en voorbereid. Ook is dit soort situaties door de centralisten periodiek geoefend. Tijdens de ramp verloopt de communicatie goed. Ook al is bijna iedereen in de lucht, het netwerk raakt niet overbelast. Er kunnen zelfs nog data opgevraagd en verstuurd worden. Alle berichten komen luid en duidelijk over. Met behulp van goed voorbereide opschalingprocedures wordt het commando rampterrein, de verschillende staven en actiecentra snel in gereedheid gebracht. Zodra het regionaal operationeel centrum functioneert wordt daarin het coördinatiepunt ondergebracht en omgevormd tot de sectie informatievoorziening en communicatie. Terug naar het heden. Want we zijn nog niet zover. Er is werk aan de winkel. Belangrijk werk, want het toekomstbeeld dat ik u schetste moet wel zo snel mogelijk werkelijkheid worden. De heer Alders heeft zojuist duidelijk aangegeven dat we moeten leren van de lessen uit het recente verleden. Gebleken is dat als het erop aankomt het opschalingsproces vanuit de meldkamer niet goed functioneert. Binnenkort zal ik aan de Tweede Kamer een rapport "Melding en Opschaling" van de Inspectie Brandweerzorg en Rampenbestrijding aanbieden. Ik kan u nu al aangeven dat in algemene zin blijkt dat het proces van opschaling, communicatie en informatie onvoldoende goed georganiseerd is. Ook blijkt dat er meldkamers zijn waar simpelweg te weinig centralisten werkzaam zijn. Die meldkamers zijn niet in staat de regie te voeren over het opschalingsproces gedurende de eerste twee uur. Dat ligt niet aan de centralisten. Zij doen met enorm veel inzet hun werk. Wij, bestuurders en managers uit het veld van openbare orde, veiligheid en rampenbestrijding hebben de verantwoordelijkheid om van de meldkamer een sterke schakel te maken in de veiligheidsketen. Zodanig, dat ze te allen tijde klaar is voor haar taak als meld- en opschalingscentrum bij rampenbestrijding.
De afgelopen tijd is op veel terreinen uit ons werkveld geld bijgevraagd en gekregen. Bij aanvang van deze kabinetsperiode was er 20 miljoen gulden beschikbaar voor rampenbestrijding. Veiligheid staat nu met prioriteit op één op de agenda van het kabinet. Na deze kabinetsperiode is er structureel ruim 200 miljoen per jaar beschikbaar voor rampenbestrijding. Een vertienvoudiging van het budget. Dit alles om een belangrijke taak van de overheid, het bieden van veiligheid aan de burger, op het juiste niveau te krijgen. Dat zijn wij verplicht aan de burgers van Nederland, maar dat zijn we ook verplicht aan de hulpverleners die dag in dag uit trachten aan die taak gestalte te geven. Het beeld dat ik u aan het begin van mijn verhaal voorhield is het beeld waarin de tekortkomingen van de meldkamer tot het verleden behoren. Om dat te realiseren, en dat is het streven van het kabinet, zie ik heel concreet twee trajecten voor me die we gezamenlijk moeten aflopen. Het eerste is territoriale congruentie, colokatie van meldkamers, invoering van het GMS en invoering van het radionetwerk C2000. Dit traject moet eind 2003 zijn afgerond. Het tweede traject betreft de professionalisering van de meldkamer en de centralist.
Eerst traject één. Het is mijn stellige overtuiging dat we naar een congruente indeling van de regios van brandweer, GHOR en politie toe moeten. Territoriaal congruente veiligheidsregios zijn een voorwaarde om de kwaliteit en de multidisciplinaire coördinatie op een hoger niveau te brengen. Het kabinet staat 25 veiligheidsregios voor op de schaalgrootte van de huidige politieregios. Niet meer en niet minder.
Als die 25 regios zijn ingevoerd moeten we naar mijn mening eerst een pas op de plaats maken. Ik hoor geluiden uit het werkveld dat we misschien zelfs naar minder dan tien regios moeten gaan. Misschien is dat op langere duur ook zo maar ik acht het onverstandig om dat nu al te willen realiseren. Laten we eerst maar eens werken aan 25 veiligheidsregios en zorgen dat we die regios goed inrichten. Colokatie meldkamers, samenwerking in de meldkamer tussen alle hulpverleningsdiensten en interregionale samenwerking.
De commissie Nieuwjaarsbrand adviseert om ook al na te denken over de bestuurlijke consequenties van de territoriale congruentie. Daarbij moeten vormen van verlengd lokaal bestuur en zelfstandig bestuur à la de politie zeer zorgvuldig tegen elkaar worden afgewogen. Het kabinet zal daarom de Raad voor het openbaar bestuur verzoeken advies uit te brengen over de bestuurlijke inbedding van de veiligheidsregios.
De huidige stand van zaken is dat in alle niet-congruente gebieden initiatieven zijn ontplooid om tot de gewenste gebiedsindeling te komen. Momenteel zijn er nog slechts vier gebieden te onderkennen waar nog knopen moeten worden doorgehakt. Ik doe een beroep op alle betrokken partijen om spoedig tot concrete oplossingen te komen.
Per veiligheidsregio is plaats voor één gecolokeerde multidisciplinaire meldkamer. Dat wil zeggen dat ik ernaar streef om te komen tot 25 gecolokeerde meldkamers, naast twee voor de Koninklijke Marechaussee en één voor het Korps landelijke politiediensten. In combinatie met daartoe specifiek ontwikkelde systemen zoals GMS worden daarmee de praktische, technische en culturele blokkades weggenomen voor een betere samenwerking. Een samenwerking die in de toekomst mogelijk kan leiden tot verdere integratie van werkprocessen. Voordeel van een gecolokeerde meldkamer is vooral de fysieke nabijheid van de drie disciplines, brandweer, ambulancediensten en de politie. Colokatie is tevens een belangrijke randvoorwaarde die het mogelijk maakt dat de diensten in de meldkamer, ieder voor zich, maar vooral ook gezamenlijk tot verdere kwaliteitsverbetering komen. In de afgelopen weken hebben medewerkers van mijn ministerie op ambtelijk niveau uw beleidsvoornemens met betrekking tot colokatie geïnventariseerd.
Het beeld op basis van deze inventarisatie is positief. Eind dit jaar zijn naar verwachting 9 meldkamers volledig gecolokeerd. In veel regios is al sprake van gedeeltelijke colokatie. Daarnaast heeft het overgrote deel van de besturen van de overige regios nadrukkelijk uitgesproken dat zij de meldkamers van de diensten zullen colokeren vóór of parallel aan de uitrol van C2000 in hun regio. Virtuele colokatie, dat wil zeggen, gebruikmaken van één computernetwerk maar niet gehuisvest zijn in één ruimte, werd slechts door 1 regio als gewenste eindsituatie overwogen. Ik raad virtuele colokatie ten zeerste af. Virtuele colokatie is technisch complex, kostbaar en - heel belangrijk - het staat verdere verbetering van de samenwerking tussen de disciplines in de weg. In een aantal regios wordt het wenselijk geacht om de gecolokeerde meldkamer in een nieuw gebouw onder te brengen. De zegslieden binnen de regios realiseren zich dat zij een aanzienlijke inspanning moeten plegen om op tijd klaar te zijn voor de uitrol van C2000. Ik zou u als bestuurders en managers willen vragen hen daarbij zoveel mogelijk te ondersteunen.
Tot slot is mij in de inventarisatie opgevallen dat een aantal regios ervoor kiest om de voorzieningen ten behoeve van het grootschalig optreden en de rampenbestrijding, op een andere locatie onder te brengen dan de gecolokeerde meldkamer. Ik betreur die keus. Zoals ook blijkt uit het rapport van de inspecties wordt de snelheid van opschalen, de afstemming van de informatie en de geleidelijke en beheerste overgang van het
rampenbestrijdingsproces van meldkamer naar het regionaal crisiscentrum juist bevorderd als de voorzieningen in eenzelfde gebouw zijn ondergebracht. Wie het aangaat zou ik willen vragen daar nog eens goed naar te kijken.
In de gecolokeerde meldkamers werken de centralisten met het Geïntegreerd Meldkamersysteem. Door gebruik te maken van GMS hoeft alle informatie maar één keer verwerkt te worden. De alarmmelding komt binnen via 1-1-2, wordt verwerkt in het GMS en de alarmering gaat uit via C2000. Dat scheelt tijd in het hulpverleningsproces waar elke seconde telt. Ik hecht dan ook veel waarde aan het feit dat alle meldkamers uiteindelijk met het GMS worden uitgerust. De invoering van GMS wint nog aan belang door de koppeling met C2000. Op diegenen die zich nog niet voor GMS hebben aangemeld doe ik een dringend beroep om dat binnenkort alsnog te doen. Ik heb nu een aantal keren over C2000 gesproken. Voor brandweer, ambulancediensten en politie is tijdwinst een belangrijk aspect. Een andere pijler waarop de hele organisatie gebouwd is, is communicatie. En met die communicatie is het nu niet goed gesteld. Op dit moment zijn er meer dan 100 netwerken; analoog, verouderd, uitval van netwerken, storingen, ruis, op sommige plaatsen worden de communicatiesystemen met houtjes en touwtjes werkende gehouden. Voor het eind van het jaar 2003 moet deze situatie echter veranderd zijn door de invoering van C2000.
Het kabinet heeft zich ten doel gesteld dat C2000 aan het eind van 2003 samen met alle betrokken regios zal zijn ingevoerd. Dat is zes maanden eerder dan de afgelopen jaren was gepland. Wat mij betreft geldt: hoe eerder, hoe beter. C2000 is één digitaal landelijk dekkend radionetwerk voor alle hulpverleningsdiensten inclusief de Koninklijke Marechaussee. Door middel van dit systeem kunnen de disciplines onderling en met de meldkamer op een veilige en betrouwbare wijze communiceren.
Om de regios bij te staan bij de invoering van C2000 heeft het kabinet eerder dit jaar op mijn voorstel 299 miljoen gulden extra uitgetrokken.
België heeft voor dezelfde standaard gekozen als Nederland, te weten de TETRA standaard; binnenkort hoop ik ook van Duitsland te horen dat zij over zullen gaan op Tetra. Begin november spreek ik mijn Duitse ambtsgenoot hierover. Als Duitsland ook voor deze standaard kiest, zijn de communicatieproblemen zoals we die zagen in Enschede tussen Nederlandse en Duitse hulpverleners niet langer aan de orde. Volgend jaar wordt deze grensoverschrijdende communicatie beproefd in de Drie Landenproef tussen Maastricht, Aken en Luik. Speciaal daarvoor wordt het C2000 systeem nu al uitgerold in Zuid Limburg. Dat is eerder dan gepland en ik ben het bestuur van de OOV-diensten zeer erkentelijk dat ze hebben ingestemd met de vervroegde uitrol, ondanks dat het de nodige knelpunten opleverde.
Duitsland heeft, ten behoeve van de proef met Nederland en België in de regio Aken een netwerk uitgerold op basis van de Tetrastandaard. Minister de Vries en ik pleiten ook bij de Europese Unie om Tetra als Europese standaard te gebruiken zodat de hulpverleningsdiensten elkaar kunnen bereiken in Europa, zoals is afgesproken in het Schengen verdrag.
Ik verwacht de Tweede Kamer naar verwachting eind september te kunnen informeren of het C2000 project een Go krijgt in plaats van de huidige go-tenzij.
Ik weet dat ik veel van u vraag, de einddatum 2003 is dichtbij. Waar mogelijk en indien gewenst zal ITO u helpen met de invoering van C2000, GMS en met de colokatie van meldkamers. Ik vraag u, samen met mij, dit traject voor 2003 tot een goed einde te brengen. De veiligheid van de Nederlandse burger en hulpverlener zijn erbij gebaat.
Maar we kunnen onze hulpverleners nog zulke goede middelen geven en organisatorisch de zaken zo goed mogelijk inbedden, het blijft mensenwerk. Ik hecht er dan ook aan dat we die kant van de medaille niet vergeten. Beter dan nu dienen centralisten goed te worden opgeleid en geoefend. Ik ben aanbeland op het tweede traject dat ik voor ogen heb.
Over een aantal jaren zit er in elke meldkamer er een geschoolde vakman of -vrouw, goed opgeleid en goed geoefend. Centralisten en leidinggevenden in de meldkamer die voldoen aan het beroepsprofiel dat de komende periode gestalte moet krijgen. Aan wat voor opleidings- en kwaliteitseisen moeten zij voldoen? Welke eisen stellen meldkamers die zijn uitgerust met de nieuwste technieken en óók zijn ingericht op grootschalige incidenten? Tezamen met het werkveld wil ik werken aan een referentiekader voor de meldkamer. Daarin moet zijn vastgelegd wat de rol, de functie en de kwaliteitseisen zijn voor de meldkamer inclusief het opschalingsproces.
Op de langere termijn moeten opleidingsmodulen worden ontwikkeld die zijn vastgesteld op basis van het nieuwe beroepsprofiel. Het inspectierapport kan aan het ontwikkelen van dit profiel een bijdrage leveren omdat bijvoorbeeld analyses zijn gemaakt van de meldkamerprocessen bij grootschalig optreden. Het beroepsprofiel moet geformuleerd en uiteindelijk gedragen worden door de disciplines, door middel van het opstellen van kerncompetenties. Het is in mijn ogen een heel fundamentele discussie die daaraan ten grondslag ligt. Daar is tijd mee gemoeid.
Ik ga het eind van de discussie niet afwachten. Er moeten nu op korte termijn handen uit de mouwen gestoken worden. Momenteel wordt er op basis van de ervaringen die in Enschede zijn opgedaan al gewerkt aan een aanpassing van de huidige
centralistenopleiding. Daarin wordt ook het werken met GMS en C2000 meegenomen. Deze nieuwe technieken werken door in procedures en dienen daarom snel geïmplementeerd te worden. Deze opleiding is een aanpassing van de huidige gemeenschappelijke basismodule. Door de gemeenschappelijke basismodule wordt de onderlinge samenwerking vergemakkelijkt, hetgeen met name bij multidisciplinair optreden van groot belang is. Er wordt ook gewerkt aan kopmodules die juist heel specifiek voor een bepaalde discipline gelden. Zo moet een geneeskundig centralist nauwgezet kunnen doorvragen over de aard van verwondingen om zo de juiste hulp te kunnen bieden. Voor een centralist van de brandweer geldt dat hij precies moet weten wat voor soort voertuigen ingezet moeten worden ter bestrijding van een bepaalde brand.
Behalve opgeleid zal er ook multidisciplinair geoefend moeten worden. Het voorbereid zijn op rampen mag niet bestaan uit een goed gevulde ordner in de meldkamer; het rampenplan. Dat biedt schijnveiligheid. Procedures moeten worden geoefend. Ook daarvoor heb ik dit jaar extra geld ter beschikking gesteld. Dit jaar is door mijn ministerie een project gestart gericht op kwaliteitsverbetering van het multidisciplinair en bestuurlijk oefenen. Dit project heet 'op weg naar effectief oefenen'. Eén van de deelprojecten richt zich op de verbetering van het oefenen van meldkamers. Dit deelproject draagt bij aan een lange termijn visie op het functioneren van meldkamers. Daarnaast geeft het op korte termijn een impuls aan het multidisciplinair oefenen van opschalingsprocedures in meldkamers. De centralist moet daarin heel bewust worden betrokken. Alleen als de centralist vaak genoeg multidisciplinair rampscenarios beoefent, kan hij bij een echt grootschalig incident zijn cruciale rol uitoefenen. Deze te ontwikkelen oefeningen worden uiteindelijk opgenomen in de regionale oefenbeleidsplannen. U stelt dit plan zelf vast. Dames en heren,
Niemand in deze zaal zal betwisten dat de veiligheidsketen versterkt moet worden. Er zijn forse stappen gezet, er zijn nog forse stappen te zetten. Ik vraag aan u allen, bestuurders en managers van openbare orde, veiligheid en rampenbestrijding, de komende jaren die inspanningen te verrichten die nodig zijn om de keten te versterken.
Door territoriale congruentie, 25 veiligheidsregios, één gecolokeerde meldkamer per regio, het Geïntegreerd Meldkamersysteem en de invoering van C2000 stellen we als bestuurders onze hulpverleners in staat om snel, effectief en adequaat te kunnen handelen. Daarnaast zullen we hoge eisen moeten stellen aan het functioneren van de meldkamer. Goede opleidingen en frequent oefenen van centralisten is daarbij een belangrijke vereiste. U als bestuurder en manager dient daar zorg voor te dragen. Op korte termijn wil ik met het werkveld om de tafel om te komen tot referentiekaders, waardoor we samen in staat zijn de meldkamers naar het gewenste kwaliteitsniveau te brengen. Het mag niet meer bij praten blijven, we moeten op korte termijn overgaan tot handelen.
Zorg ervoor dat ook in uw gemeente of regio veiligheid een belangrijk agendapunt wordt en blijft. Veiligheid is een zaak voor en van ons allemaal. Ik kan het niet alleen, net zomin als u het in uw eentje kunt. Samen zijn we er echter wel toe in staat. Samen kunnen we ervoor zorgen dat we Nederland zo veilig mogelijk maken. Risicos en rampen kunnen we in ons kleine, hoog
geïndustrialiseerde en dicht bevolkte land nooit helemaal uitsluiten. Wel kunnen we geld, tijd en energie investeren om ons zo goed mogelijk op die rampen voor te bereiden en daarmee het leed zo klein mogelijk te houden. Dat zijn wij Nederland verplicht.

Deel: ' Toespraak G. de Vries over rampenbestrijding '




Lees ook