D66 Nieuws


Toespraak fractievoorzitter Thom de Graaf

68ste Algemene ledenvergadering D66

Veldhoven, 6 februari 1999

Dames en heren,

Twee weken geleden markeerde Hans van Mierlo zijn vertrek uit de dagelijkse politiek. Of beter gezegd, dat deed de partij voor hem en Hans keek toe. En het was zoals het moest zijn, een prachtige bijeenkomst. Wie er bij was, voelde het als een bijzonder moment: 33 jaar D66-geschiedenis in de zaal en toch niet omkijken naar het verleden. 33 jaar D66 en opnieuw indrukwekkende betogen over de onafwendbare noodzaak van democratische vernieuwing.

De grote Europeaan en democraat Ralph Dahrendorf formuleerde in die zaal, op die zaterdagmiddag, bijna achteloos de essentie van onze gezamenlijke politieke bewogenheid: "Renewal means not accepting the erosing of democracy in silence".

Het tegengaan van de erosie door steeds te vernieuwen, een actieve democratie. Daarover denken, daaraan werken, raakt het wezen van onze partij. Is misschien wel ons wezen, dat zich steeds zo moeilijk in een enkel begrip laat samenvatten. Een sociaal-liberale partij in het hart van de samenleving, met als permanente opdracht de democratie te vernieuwen. Niet uit luxe maar uit noodzaak.

En democratie is meer dan alleen de formele status van de macht en de invloed van mensen daarop. Ik geloof dat democratie gaat over de betrokkenheid van iedereen bij de wereld waarin wij leven. Daar is heel veel voor nodig, niet alleen maar wetten die het kiesrecht veilig stellen of willekeur tegengaan, zoals de oude liberalen dachten.

Klassieke grondrechten en democratische spelregels vestigen, hoe belangrijk ook, nog geen echte vrijheid. Daar heb je ook werk voor nodig, inkomen, goed onderwijs, kansen. En dus een actieve overheid. Dat zagen de oude sociaal-democraten ook. Maar de kracht van de sociaal-democratie is ook haar zwakte. Een overmaat aan bescherming en sturing, een te groot vertrouwen in de overheid en een soms peilloos diepe behoefte om elke maatschappelijke wens om te smeden in staalharde wetten en circulaires. En dat verstikt zo vaak de vrijheid waar het juist bescherming beloofde.

Wij zijn anders en altijd anders geweest. D66 staat voor een verstandige analyse. De ideologie van de vrije markt omwille van de vrije markt is de onze niet. Maar het staatsdenken evenmin. Wij zijn liberaal en sociaal. Liberaal als het er om gaat de individuele kansen en vrijheden van ieder mens te waarborgen. Sociaal in ons geloof in de kracht van de samenleving.

D66-ers kiezen hun remedie en hun instrumenten als ze de diagnose hebben gesteld. Niet omgekeerd, dat werkt in de regel desastreus uit.

Alles begint natuurlijk bij het vertrouwen in de overheid en in de politiek. Hoe kan nou in een volwassen samenleving het vertrouwen van mensen gewonnen worden voor moeilijke maatregelen als we eigenlijk tegen ze zeggen: fijn dat u op ons heeft gestemd, bedankt, u hoort nog van ons over pakweg vier jaar en verder zoeken wij het zelf wel uit? Wie pikt dat eigenlijk nog? Steeds minder mensen en het wordt dan ook steeds stiller in de stemlokalen.

Soms wordt wel schamper gedaan over democratische vernieuwing. Een speeltje van D66, opgepoetste oude kroonjuwelen. Alsof wij de enige schatbewaarder van de democratie zouden zijn. Of is dat soms zo? Dat zou aan het eind van de twintigste eeuw eigenlijk een diepe schande zijn.

Het verzet tegen de vernieuwing is breed. Niet bij mensen in gemeenten en provincies. Die willen wel en liefst zo snel mogelijk. Zelf een eigen burgemeester kiezen. Of zelf een aanvechtbare wet tegenhouden. Keer op keer blijkt dat een overweldigende meerderheid die simpele democratische rechten wil uitoefenen.

En keer op keer blijkt hoe moeilijk de politieke regenten het vinden om het alleenvertoningsrecht op te geven. En vergis u niet, het zijn niet alleen de coalitiegenoten van de VVD, die zo hun bedenkingen hebben tegen een moderne democratie. Zij zijn natuurlijk erg zichtbaar tegen, je hoort ze ook het hardst knarsentanden, het gaat echt door merg en been. Maar ook de andere grote partijen vinden verandering lastig. Soms belijden ze het met de mond, maar als puntje bij paaltje komt, is het allemaal minimaal. De rem wordt altijd eerder gevonden dan het gaspedaal. Behouden is immers makkelijker dan afstaan. Ik betreur dat. Het moet toch mogelijk zijn om een groter draagvlak te vinden, het gaat toch om een belang dat uitstijgt boven elk partijbelang. Je kunt toch niet in de eenentwintigste eeuw, zonder grondig achterstallig onderhoud, wonen in een half verzakt negentiende-eeuws huis? Het debat moet weer worden gevoerd, over de grenzen van de coalitie heen, over de grenzen van de politiek heen, want democratie is nog nooit van boven opgelegd, de druk komt altijd van onderop.

Democratische renovatie. Ook daarom zijn de komende verkiezingen van belang, het gaat ook om de stemmen in de Eerste Kamer voor het referendum en voor de democratische legitimatie van de burgemeester. Ook daar is D66 dus nodig.

Democraten,
Hoe gaat het met de partij? Van binnen gaat het goed, van buiten kan het nog beter. Ik bedoel meer mensen die warm lopen voor ons, die sympathie omzetten in een stem.

Nu maken wij 't onszelf niet gemakkelijk. Dat hebben we ook nooit gedaan. Altijd op zoek naar goede oplossingen, niet naar de snelle winst, al zou een combinatie voor de verandering ook wel aardig zijn.

Wij zijn met z'n allen afgelopen zomer na rijp beraad tot de overtuiging geraakt dat D66 aan een tweede paarse kabinet wilde deelnemen, onder de voorwaarde dat wij in het regeerakkoord een aantal belangrijke vernieuwingen konden vastleggen. Omdat het ons in de eerste plaats altijd gaat om de inhoud, om de vernieuwing van de samenleving, om investeren in mensen en milieu. Paars II biedt ons de kans om met onevenredig grote invloed daar aan bij te dragen.

Maar dat wil niet zeggen dat er zomaar instant succes is. Een partij die bij de verkiezingen van grote hoogten terugviel op de begane grond en toch niet de veilige vluchtheuvel van de oppositie zocht, een partij die bovendien op het zelfde moment letterlijk nieuwe gezichten kreeg, die partij moet zich natuurlijk opnieuw bewijzen, overal. In het parlement, in het kabinet, in het maatschappelijk debat.

Wij zullen de kiezers er dus opnieuw van overtuigen dat onze ideeen de moeite waard zijn, onze mensen het vertrouwen waard. Dat D66 geen luxe is, maar noodzaak. En dat doen we dus. Om te beginnen in de campagne voor de Statenverkiezingen. Het gaat er om D66 zo goed mogelijk in de provincies vertegenwoordigd te krijgen. Dat is geen gemakkelijke opgave, dat weet ik. Met een lage opkomst is dat extra lastig, maar ook extra stimulerend. Gewoon met inzet ons werk doen, maar niet overdreven. Wie uit een beetje windstille hoek wil komen, moet niet direkt het storm-zeil hijsen, maar laveren naar een betere wind.

Ik ben overtuigd van de kracht van onze provinciale mensen, onze lijsttrekkers: Renee Kerdijk, Patrick Poelman, Marga Kool, Rinske Verhoef, ik kan ze allemaal opnoemen en ik doe dat ook: Carla Dijkstra, Jos Elbers, Erik van Keulen, Margriet de Jong, Rene Bastiaanse, Carla Rieter, Meine Henk Klijnsma, en Grieko van Dijk.

Zij zijn even belangrijk als de programma's waaraan zij zich hebben verbonden, want ook in de provincies gaat het over mensen. De volgende jaren zal blijken dat de provin-cies steeds belangrijker worden, dat zij tussen gemeenten en rijk in hun eigen krachtige rol spelen. Als hoeder van de ruimte in ons land bijvoorbeeld en als beschermer van het milieubelang.

Allemaal verschillende programma's en allemaal verschillende mensen, maar je kunt in de regel zo zien dat het om D66 gaat. Kwestie van mentaliteit, kwestie van idealen en hoe je daar mee omgaat. In de provincies, in de Brabantse gemeenten waar ook weer verkiezingen zijn en in Den Haag, we zijn voor het beeld van de partij allemaal afhankelijk van elkaar. U van ons en wij van u.

Daarom gaan we ook allemaal op campagne, omdat we samen de partij zijn. De statenkandidaten voorop en natuurlijk ook de mensen voor de Eerste Kamer, want daar gaat het op 3 maart ook om. We hebben daar een prachtige lijst met veel politieke en bestuurlijke ervaring. En een heel bijzondere nummer 1, een erelid. Wat een weelde voor D66 dat Jan Terlouw terug is in de politieke arena, (al is het dan in de deftige afdeling). Hans Wiegel ziet al een beetje witjes om z'n neus.

En ondertussen gaat de partij onverdroten door met de vernieuwingsagenda. Een sociaal-liberale koers voor het begin van een nieuwe eeuw. D66 kan daarin een voorsprong nemen op andere partijen, omdat we niet voordurend relicten uit het verleden hoeven op te ruimen, of veren hoeven af te schudden of interne gevechten tussen de coulissen hoeven te voeren.

De vernieuwing in D66 is een dubbelslag. De organisatie wordt anders: directe informatie, directe communicatie, niet vergaderen om maar te vergaderen, maar denken en doen wat er ge-dacht en gedaan moet worden.

En wij werken hard aan de inhoudelijke agenda. Partij, fractie en wetenschappelijk bureau zijn daarmee aan de slag gegaan. Ik heb het eerder het Democratisch Perspectief genoemd. Een dragend en samenhangend beeld van wat ons beweegt en wat onze handreiking is naar kiezers in de 21ste eeuw. Een perspectief voor mensen, waarin persoonlijke vrijheid, gemeenschappelijke verantwoordelijkheid en betrokkenheid van iedereen de pijlers vormen voor een vernieuwing van de samenleving.

Dat Democratisch Perspectief zal nieuwe accenten moeten leggen in ons bestaand gedachtengoed. Daar hoort herstel van vertrouwen in de overheid bij. Dat vertrouwen wordt dezer dagen wel zeer zwaar op de proef gesteld. Dat na de ramp in de Bijlmer zoveel is misgegaan en, blijkt nu, zoveel is verzwegen, daar wordt ik alleen maar sprakeloos van. Vertrouwen betekent niet dat altijd alles goed kan gaan, maar wel openheid en de wil de waarheid te vinden.

Congres,
Bij die nieuwe accenten hoort ook een uitgewerkte visie op de openbare ruimte. Het publieke domein is van iedereen, maar op straat geldt vaak het recht van de sterkste die zonder rede slaat of schiet. En op de kabel en in de ether gelden de wetten van de hoogste kijkcijfers en grootste omzet. Plat consumentisme en onverschilligheid gaan hand in hand en vormen een neerwaartse spiraal.

Het is een misverstand om te veronderstellen dat D66 alleen maar een libertijnse partij is die slechts oog heeft voor de persoonlijke vrijheid. En het is ook een misverstand dat het debat over de waarden in de samenleving aan een conservatieve hobby is voorbehouden, een soort heimwee naar verloren jaren. Absoluut niet.

Juist een partij als D66 moet vragen stellen over de verantwoordelijkheid die bij de vrijheid hoort en daar nu vaak onder is weggetrokken. Juist wij, omdat wij die vrijheid liefhebben en willen beschermen. Redeloos geweld, normloos gedrag, de zinledige commercialisering van alles wat ook maar enigzins van waarde is, het bedreigt de sociale verbinding.

Een eenvoudig antwoord is er niet, maar de sleutel ligt, dat geloof ik echt, in verantwoord burgerschap. Dan gaat het niet om camera's, om wapencontroles en om strengere straffen. Dat zijn de gemakkelijke vluchtwegen. Dan gaat het om veel meer. Om het bieden van tegenwicht tegen vervlakking door kunst en cultuur, om aandacht voor opvoeding en voor de school als een oefenplaats voor samenleven, het gaat om internationaal besef en om een mentaliteit van respect voor anderen, om gerichte inspanningen in de jeugdzorg, om duidelijkheid in de rechtshandhaving, om een beroep op maatschappelijk verantwoord handelen (bv. door horeca-exploitanten en omroepbazen), om kleinschalige sociale voorzieningen, die niet alleen efficiëncy als maatstaf hebben, maar vooral cohesie.

Het heroveren van de publieke ruimte, van het verantwoord burgerschap, dat klinkt idealistisch en ja, zo hoort dat ook. Het gaat om de vrijheid en verantwoordelijkheid van elk afzonderlijk mens en wat de politiek daaran bijdraagt. Het is in ieder geval een uitdaging voor mij en voor andere D66ers zoals Roger van Boxtel en naar ik hoop voor de hele partij. Want ook daarin kunnen wij voorop lopen.

Als ik praat over een Democratisch Perspectief, bedoel ik zeggenschap van mensen over hun bestaan. Als werknemer, als patient, als student of als ouder van een kind op de basisschool. Wie beslist er in al die maatschappelijke rollen: regenten op afstand of wijzelf?

Zeggenschap gaat ook over de eigen keuze in de combinatie van een werkzaam en een zorgzaam leven. Werk is belangrijk, niet alleen voor de economie, maar ook voor de eigenwaarde en erkenning van mensen. Maar leven is zoveel meer. Zorg voor kinderen of partner, ouders, deelname aan vrijwilligerswerk, verenigingen, cultuur. Op adem komen en je geest verruimen door er tussen uit te gaan, sabbatical leave. In feite spreek ik over de kwaliteit van leven.

Het gaat om de balans, om een flexibele inrichting van de samenleving waardoor het mogelijk wordt om die balans echt te vinden, zonder burnt out te raken, zonder arbeidsongeschikt te worden als gevolg van te veel last en teveel stress. Voor D66 is het thema van de kwaliteit van leven een rode draad. De eerste aanzetten gaven wijzelf. Vroeger Louise Groenman die op de bres stond voor deeltijdarbeid, Hans Wijers met de verruiming van de winkeltijden, waar veel mensen mee geholpen zijn en nu Annelies Verstand.

Zij zorgt nu voor een wettelijk recht op deeltijdwerk, maar is ook bezig met de veel bredere kaderwet Arbeid en Zorg, waarin de grondslag wordt gelegd voor die nieuwe verhouding tussen werk en samenleven. Dat is hard nodig, want vanzelf gaat het absoluut niet. Teveel steggelen werkgevers en vakbonden in CAO-onderhandelingen nog over tienden van procenten in plaats van concrete afspraken te maken over zorgverlof of werkonderbreking. Onze maatschappelijke ordening zal echt anders moeten om de balans te hervinden. Niet uit luxe, maar uit noodzaak.

Er zijn natuurlijk andere terreinen die aandacht vragen, bijvoorbeeld de revolutie van de informatietechnologie, ik heb het daar eerder over gehad. Het kabinet moet daar echt mee aan de slag, een bezoek van Bill Gates aan het Torentje is daarvoor niet voldoende. Dat moet een overigens een merkwaardig gesprek zijn geweest met premier Kok. Bill Gates kijkt om zich heen en ziet geen computer staan. Hij vraagt: Wim, surf jij niet? Jawel, zegt Wim, maar alleen als het waait.

Dames en heren,
Ik zou het bijna vergeten, maar ondertussen regeert het kabinet, een heel enkele keer niet, maar meestal wel. En werkt de coalitie samen, soms niet, maar vaak ook wel. Daar moeten we het dus ook over hebben.

PvdA, VVD en D66 zijn niet elkaars natuurlijke bondgenoten, nog steeds niet. In de beeldvorming en in de verhalen van de oppositie lijkt dat soms wel zo, omdat die versimpeling goed uitkomt (Het CDA is tegen 'paars'). Maar de werkelijkheid is dat drie volstrekt ongelijksoortige partijen aan tafel zitten. Paars is geen natuurlijke van boven gegeven staat. De PvdA van Ad Melkert is eerder neo-socialistisch dan neo-liberaal, de natuurlijke reflex blijft toch de vrijheid met regels te beslaan. Met de VVD valt zaken te doen, maar het blijft vooral een partij met een instinct voor de markt en een zekere argwaan voor verandering. En wat ze verder ook mogen zijn, ieder geval absoluut niet sociaal-liberaal.

Die tegenstellingen in de coalitie mogen best voor het voetlicht komen, paars is niet een pot nat. Kritisch op elkaar, zoals elke partij ook kritisch kan zijn op het kabinet. Maar steeds moet wat mij betreft de grondhouding in de coalitie zijn om er samen uit te komen. De inkt van het regeerakkoord is daarvoor niet voldoende.

Wat te denken van het vreemdelingen en asielbeleid? De situatie is explosief, om Job Cohen te parafraseren. Dat vraagt om gezamenlijk zoeken naar aanpassingen. Het gaat erom humaan te blijven in ons land, opvang te blijven bieden aan mensen in nood en dat zorgvuldig individueel te beoordelen. Maar tegelijkertijd moet het allemaal mogelijk blijven, in de opvang en in de procedure en in het draagvlak onder de bevolking. Daarvoor is het nodig dat we extra maatregelen nemen, zoals een verregaande verkorting van de procedures en een strikter uitzettingsbeleid. D66 is daartoe bereid. Wij vinden ook dat de regering harder moet inzetten op een Europese lastenverdeling, desnoods door andere Brusselse dossiers te blokkeren.

Wat mij teleurstelt is dat wij van de VVD alleen maar te horen krijgen dat het harder moet, en sneller, en strenger, maar geen enkel concreet en overtuigend voorstel. Asielbeleid is niet zomaar een makkelijk campagnethema en mag dat ook niet worden. Het ene Kamerlid roept "illegalen gevangenisstraf", en de andere kandidaat-senator zegt zonder blikken of blozen dat de grenzen tijdelijk dicht moeten omdat Nederland vol is (Waar heb ik dat eerder gehoord?). Hans Dijkstal zegt dan: technisch niet uitvoerbaar. Ik zou zeggen: moreel niet aanvaardbaar.

Dames en heren,
Ook op een ander punt is een open houding naar elkaar noodzakelijk. Het is februari en dan lonkt het voorjaar alweer en helaas ook de Voorjaarsnota. Die belooft dit jaar niet direkt een lentegevoel. Hoe groot ons financieel probleem is, blijft vooralsnog in de mist hangen. Minister Zalm sombert in de kranten maar geeft nog geen uitsluitsel. Een beetje psychologie om onze geesten alvast rijp te maken voor stevige ingrepen.

Ik wil daar iets over zeggen, zonder ijzeren gordijnen op te trekken of piketpalen te slaan. Een makkelijk verhaal is bij tegenwind per definitie oneerlijk en onhaalbaar. Vorig jaar hebben wij getekend voor dit kabinet omdat we wilden investeren in mensen en in milieu. Op papier lukte dat, maar dat was slechts de eerste stap. We konden niet langer wachten met het aanpakken van de wachtlijsten in de zorg, de klassen moesten kleiner, we wilden een kwaliteitsslag op de scholen in plaats van nieuwe circulaires. We kozen er voor perspectief te bieden aan mensen die er buiten staan, mensen in oude wijken, minderheden. En we wilden een milieuslag maken.

En dus zal onze toetssteen straks bij de Voorjaarsnota zijn of al die dingen ook echt gebeuren. Het mag dan even minder gaan met onze economie, er mogen dan onverwachte uitgaven zijn zoals voor de waterschade, de lage inflatie mag tot een financieringsprobleem leiden, dat is allemaal waar, maar dat mag in ons welvarend land geen alibi vormen om maar niet te investeren in wat echt nodig is voor de kwaliteit van onze samenleving. Juist nu mag wat het hardste nodig is, niet als eerste sneuvelen.

Er moet natuurlijk verstandig financieel beleid worden gevoerd, solide beleid, daar staat D66 ook voor. In de formatie wisten wij de brug te slaan tussen noodzakelijke investeringen en een gezonde begroting. Die opdracht is er nu weer.

We hebben er niets aan als we de lasten afwentelen op de jaren na de eeuwwisseling door maar "een tandje lager te gaan" met het overheidstekort. Dat gebeurde onder de minister van Fian-cien in het laatste kabinet-Lubbers. Het efffect was dat paars I vervolgens voor miljarden extra moest saneren. Dat moeten we dus nooit meer doen.

En ik voel er ook niets voor om al direkt te gaan morrelen aan het nieuwe belastingstelsel. Dat nieuwe stelsel kost geld, maar is nodig om de stap van werkloos naar werk makkelijker te maken, om de lasten te verlichten, vooral bij de laagste inkomens, om meer gelijkheid te krijgen tussen mannen en vrouwen en om fiscale milieupolitiek te voeren.

Als wij dus de prioriteiten onderwijs, gezondheidszorg en milieubeleid overeind willen houden, ook willen blijven investeren in de grotestads-proble-men en geen dwaas financieel beleid willen voeren, dan moeten wij bereid zijn nog eens heel kritisch te kijken naar uitgaven in andere secto-ren, van Verkeer & Waterstaat tot en met Defensie en alles wat daar tussen zit. De omvang van de ingrepen is afhankelijk van de omvang van de problemen. Dat zullen we dus moeten afwachten. Maar duidelijk is waar D66 op inzet, waar wij op willen worden aangesproken, voor en na 3 maart!

Dames en heren,
Het kabinet is op tal van punten voortvarend aan de slag, hoewel het ook op mij overkwam als een wat moeizaam op gang komende motor. Zeg maar een diesel: veel sputteren en veel lawaai in het begin, maar vervolgens heel lang doorgaan. En dat is de bedoeling.

Dan moet die motor natuurlijk niet haperen en dat doet ie af en toe wel. Wat moeten we bijvoorbeeld denken van het gedoe rond de politie-cao? Welke strategie hier achter zat, is nog steeds een groot mysterie. Het moddergooien over en weer, met inbegrip van burgemeester Stekelenburg was meer dan genant. Wij blijven ondertussen alert. Want ik weet niet wat erger is, een minister die geen agenten of een minister die geen centen telt.

Bij andere sectoren zal het wellicht beter gaan. Minister Hermans opereerde op kousenvoeten om tot overeenstemming met de onderwijsbonden te komen. Dat is gelukt. Ik vind die overeenstemming ongelooflijk belangrijk, omdat die een basis vormt voor kwaliteit in het onderwijs. Goede scholen vallen en staan met gemotiveerde mensen die alles voor hun vak en hun leerlingen over hebben. Daar hoort maatschappelijke waardering tegenover te staan, in erkenning en zeker ook in beloning.

Wat ook hapert is het WAO-beleid. Iedereen heeft zich nu meester gemaakt van de WAO als een politiek speeltje, maar een gezamelijke inspanning om er ook echt iets aan te doen blijft achterwege. De VVD en de werkgevers halen oude spoken van zolder, natuurlijk onder voorwaarden maar toch: hoogte en de duur van de WAO-uitkering staan weer ter discussie. Dat noem ik nog eens constructief: het zaagt aan de poten van de coalitie, het jaagt iedereen de gordijnen in en het lost bovendien het probleem van de te grote instroom absoluut niet op.

De WAO is niet louter een financieel probleem, maar een sociaal probleem, teveel mensen komen onvrijwillig aan de kant te staan en teveel blijven daar staan: 900.000 mensen! De werkgevers in het MKB hebben een andere oplossing, waar je vanzelf ziek van wordt: iedereen met psychische klachten uit de WAO, die kunnen namelijk gewoon werken, want stress is heel gezond. Ik sta paf door de briljante eenvoud van dat plan...

Ik zei al: de WAO wordt als speeltje tussen partijen gebruikt. Roept de VVD dat hoogte en duur van de uitkering aanvechtbaar zijn, dan trekt de PvdA gauw aan de andere kant van het touw door een ontslagverbod te eisen. Allebei even opportunistisch en onwaarschijnlijk, maar wel lekker in de beeldvorming en goed voor de achterban.

Maar makkelijke oplossingen zijn er niet. Het kabinet is te weinig ambitieus en te eenzijdig met de aanscherping van de keuringspraktijk. Dat is niet genoeg. Er moet veel meer gebeuren, vooral in de preventie en de reintegratie. Arthie Schimmel heeft daar twee weken geleden voorstellen voor gedaan die hout snijden.

D66 wil een sluitende aanpak. Geen vrome woorden meer, maar concrete afspraken over in- en uitstroom, scholing en herplaatsing. Dat vraagt niet alleen inspanningen van het kabinet, maar ook van de sociale partners: aandacht van werkgevers voor zieke werknemers, de vorming van medische interventieteams die in de eerste fase gericht zijn op herstel en werkhervatting, snellere behandeling van psychische klachten, begeleiding terug naar de arbeidsmarkt.

Daarom heeft D66 gisteren het initiatief genomen tot nader overleg met vakcentrales en werkgeversorganisaties. Wij vragen een gezamenlijke aanpak, een echte krachtsinspanning om mensen in een baan te houden of terug te brengen. Geen vrome woorden meer, maar concrete resultaten per bedrijf.

Een wel zeer actueel vraagstuk is natuurlijk dat van de mobiliteit en dus het fameuze rekeningrijden. De kunst van mobiliteit is om de voordelen te benutten en de nadelen te vermijden. Tot dusverre is het eerder omgedraaid. Files zijn ergerlijk voor wie er in staat, improductief, economisch rampzalig (schade 1,5 miljard per jaar) en slecht voor het milieu.

Natuurlijk is de introductie van rekeningrijden niet de panacee voor alles. Vergaande verbeteringen in het openbaar vervoer zijn nodig, betere verkeersgeleiding, soms ook wegaanpassingen. Maar de introductie van het prijsmechanisme zal wel degelijk helpen. Het dwingt ons steeds het gebruik van de auto af te wegen tegen alternatieven. Het is ook niet zo uniek, in de trein maakt het ook verschil of je in de spits of in daluren reist.

De ANWB heeft nogal een circus gemaakt van zijn protest tegen het rekeningrijden, een tikje demagogisch, een tikje autocratisch ook. Ik ben toch echt ANWB-lid, maar nooit om mijn mening gevraagd, iemand anders hier wel? Over democratie gesproken Het alternatief van de ANWB is meer asfalt en daarop betaalstroken voor bijzondere groepen. Dat komt dus neer op het privatiseren van de openbare weg. Wat D66 betreft: No way!

Dames en heren,
Morgen is het hoogtepunt van dit congres, want dan bepaalt u in een geheime stemming wie de aanvoerder wordt van onze Europese lijst. Het aantal kandidaten voor die plek en het aantal beschikbare Europese parlementszetels houden elkaar aardig in evenwicht. Wie er uiteindelijk ook bovenaan komt te staan, de lijst is een mooie mix van ervaring en elan en beide hebben we nodig in Europa.

En er is een ontzaglijk grote opdracht in Europa. Tot een Europese mentaliteit komen bijvoorbeeld. Hoe kunnen we inwoners van ons land vragen daadwerkelijk Europees burger te worden, als de regeringen het laten afweten?

De Duitse sociaal-democraat Schroder agendeert de benoeming van de nieuwe voorzitter van de Europese Commissie precies een week voor de Europese verkiezingen. Hoe haal je het in je hersens... En de sociaal-democratische collega's Blair en Kok kunnen dat, samen in die trein naar Bristol, kennelijk niet verhinderen. Als dat nou de "derde weg" is, laat die dan maar eindigen in Bristol.

VVD-minister Van Aartsen staat erbij te applaudiseren, want, zo zegt hij, het Europees Parlement heeft met die benoeming toch niets te maken. Daar wordt je even stil van. Zat er nog maar een Democraat op Buitenlandse Zaken.

Europa is nog steeds van de regenten! Dat moet anders. En dat kan alleen anders als het Europese parlement als geheel zijn politieke positie serieus neemt. Bijvoorbeeld door een consultatie van het nieuwe parlement af te dwingen, voordat de opvolger van Santer wordt benoemd en niet daarna.

Enfin, de mooie voornemens voor Europese democratie zullen morgen ongetwijfeld door de nieuwe lijstrekker worden uitgevent. Wat mij betreft is de inzet in Europa dat de Euro niet alleen een wettig betaalmiddel wordt, maar ook het symbool voor een economisch sterk, groen, veilig en sociaal Europa, dat een eigen culturele identiteit krijgt, niet alleen in Brussel en Straatsburg, maar in alle steden.

En een politieke eenheid. Daar is naast realisme ook idealisme voor nodig, want zonder idealen als grondstof kan Europa niet bestaan. Europa is meer dan economische profijt en minder lasten. Wat mij betreft is er in elk geval geen enkele nettobegrenzer voor het Europa van de burger.

Congres,
Wij gaan stad en land in, na dit congres, dat is nodig. Ik heb geen stichtende tekst als dagsluiting, dat hoeft ook niet. Het wordt tijd voor een borrel met elkaar, (niet uit luxe, maar uit noodzaak). Daar is het D66-congres ook voor bedoeld. We drinken er een op de partij en nog een en daarna gaan we aan het werk.

Thom de Graaf

Deel: ' Toespraak Thom de Graaf 68ste Algemene ledenvergadering D66 '




Lees ook