Provincie Groningen

Groningen, 15 mei 2002 Persbericht nr. 92

Tussenbalans gebiedsbijeenkomsten waterberging opgemaakt

De stuurgroep Water 2000+ *) heeft de balans opgemaakt van de gebiedsbijeenkomsten over waterberging die in januari en februari zijn gehouden in Groningen en Noord-Drenthe. Met bewoners, eigenaren en gebruikers van gronden in beoogde waterbergingsgebieden is daar vooral gediscussieerd over de afweging tussen waterberging en andere oplossingen, over mogelijke vervangende bergingslocaties, over inrichtingsmaatregelen en over schade. De stuurgroep heeft de meeste vragen over deze onderwerpen direct kunnen beantwoorden. Aan de beantwoording van de overige vragen is en wordt gewerkt.

Bergingsgebieden

Verwacht wordt dat in september 2002 kan worden gestart met de procedures voor het aanwijzen van waterbergingsgebieden in de provinciale omgevingsplannen. Zoals het er nu naar uitziet zijn dat de gebieden Leutingewolde, Matsloot-Roderwolde, Peizer- en Eeldermaden (noordzijde), Lappenvoort-Oosterland, Onnerpolder, Oostpolder, Westerbroekstermadepolder, Rolkepolder, Westerlanden, Vriescheloërvennen, Ulsderpolder en het toekomstige meer in De Blauwe Stad.

Of er realistische alternatieve oplossingen zijn voor de gebieden De Delthe, Turfwaard, Binnen Aa, Oude Riet, De Dijken en Peizer- en Eeldermaden (zuidzijde), wordt verder onderzocht. Daarnaast zijn studies gaande naar de gevolgen van waterberging voor natuur en landbouw. Daaruit moet bijvoorbeeld duidelijk worden of waterberging samengaat met de huidige en toekomstige natuurdoelen in de diverse terreinen. De uiteindelijke begrenzing en inrichting van de gebieden wordt mede bepaald door de resultaten van deze studies en in overleg met alle betrokkenen.

Omstreeks de zomervakantie zal de stuurgroep hierover advies uitbrengen aan de besturen van de provincies Groningen en Drenthe en van de waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa's. Het is de bedoeling om alle gebieden in één keer in procedure te brengen.

Plannen

Het aanwijzen van de bergingsgebieden houdt in dat de beide provincies eerst de benodigde ruimte voor waterberging in hun omgevingsplannen reserveren. Alvorens beide waterschappen de gebieden als waterberging kunnen gaan inrichten, moeten die door de gemeenten in hun bestemmingsplannen worden opgenomen. Waterbergingsgebieden zullen overigens pas in de bestemmingsplannen worden opgenomen als er een schadevergoedingsregeling is vastgesteld. Tijdens de planprocedures, die per gebied naar schatting maximaal enkele jaren in beslag nemen, is op verschillende momenten inspraak mogelijk. Het is de bedoeling alle maatregelen uiterlijk in 2010 te hebben uitgevoerd. Parallel aan de ruimtelijke reservering van de waterberging gaat de stuurgroep samen met andere partijen, waaronder de betrokken gemeenten en terreinbeheerders en inwoners per bergingsgebied de inrichtingsmogelijkheden bekijken.

Inrichtingsmaatregelen

Om gebieden geschikt te maken voor waterberging en om gebouwen te beschermen tegen het water zijn in en rond de meeste gebieden kaden nodig. Veel vragen van betrokkenen gingen over de plaats en hoogte daarvan. De stuurgroep heeft hierover tijdens de bijeenkomsten alleen globale informatie kunnen geven. Over de definitieve inrichting van de bergingsgebieden moeten namelijk nog keuzen worden gemaakt waarbij onder meer rekening wordt gehouden met landschappelijke waarden, leefbaarheid en de resultaten van lopend onderzoek naar effecten op landbouw en natuur. De stuurgroep wil dat samen met de betreffende gemeenten doen en in overleg met alle betrokkenen.

Schaderegeling

De noordelijke schaderegeling zal de komende tijd worden afgestemd met soortgelijke regelingen die momenteel elders in ons land worden ontwikkeld. Deze afstemming is belangrijk voor een zoveel mogelijk gelijke behandeling van betrokkenen. De regeling is zowel op natuur- als landbouwgebied van toepassing. Harde voorwaarde voor de stuurgroep blijft dat waterbergingsgebieden pas in gemeentelijke bestemmingsplannen mogen worden opgenomen als de regeling beschikbaar is.

De verantwoordelijkheid ligt in eerste instantie bij de regio. Daarnaast vinden beide provincies en waterschappen dat het Rijk hiervoor medeverantwoordelijk is.
Zij zullen dit via verschillende kanalen in Den Haag blijven aankaarten.

Nieuwsbrief

De stuurgroep zal van tijd tot tijd een nieuwsbrief uitbrengen om alle betrokkenen en ook andere belangstellenden goed op de hoogte te houden van de ontwikkelingen rond waterberging en andere onderdelen van het waterbeleid.


*) In de stuurgroep Water 2000+ werken de provincies Groningen en Drenthe, de waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa's, Rijkswaterstaat, Rijks Planologische Dienst, Ministerie van LNV, Vereniging van Groningse Gemeenten en Vereniging van Drentse Gemeenten samen aan verbetering van de waterhuishouding.

Voor meer informatie over dit persbericht kunt u contact opnemen met: Wim Trip, afdeling bestuurscontacten provincie Groningen, tel. 050 3164129

Deel: ' Tussenbalans gebiedsbijeenkomsten waterberging Groningen opgemaakt '




Lees ook