CBS Persbericht


Datum: 29-04-99

Twee griepgolven veroorzaken hogere sterfte in 1998

In 1998 zijn 138 duizend inwoners van Nederland overleden. Dit zijn er ruim tweeduizend meer dan in het jaar daarvoor. De stijging van het aantal sterfgevallen houdt verband met twee griepgolven die in maart en december van vorig jaar zijn aangevangen. Mede in verband met de griepepidemie is ook de sterfte ten gevolge van CARA, longontsteking en hart- en vaatziekten in 1998 toegenomen.

Uit de voorlopige cijfers van het CBS blijkt verder dat hart- en vaatziekten en kanker bijna tweederde van het totaal aantal sterfgevallen in Nederland veroorzaken. De sterfte aan de ademhalingsziekten is de derde belangrijke oorzaak. Verder blijkt dat het aantal sterfgevallen aan aids blijft afnemen.

Griepgolven hoofdoorzaak hogere sterfte

Griepgolven die in maart en in december vorig jaar zijn aangevangen vormden de oorzaak van de toename in het aantal overledenen. Het aantal sterfgevallen met "influenza" als primaire doodsoorzaak lag in deze maanden aanmerkelijk hoger dan normaal. Bekend is verder dat een influenza-infectie ernstige gevolgen kan hebben voor vooral oudere mensen boven de 75 jaar. Tijdens de griepgolven zijn dan ook meer mensen uit deze leeftijdsgroep gestorven. In 1998 was sprake van een zachte winter. Uit de CBS-cijfers blijkt dat in januari en februari veel minder mensen zijn gestorven dan in andere jaren in dezelfde periode.

Hart- en vaatziekten meest voorkomende doodsoorzaak

Hart- en vaatziekten vormen nog steeds de belangrijkste doodsoorzaak met 50 duizend overledenen. Dit niveau is vergelijkbaar met 1997. De dalende trend van de sterfte aan hart- en vaatziekten van de afgelopen jaren heeft zich in 1998 niet voortgezet. Dit is veroorzaakt door de twee griepgolven in 1998.

Sterfte aan kanker stabiel

Kanker eiste vorig jaar ruim 37 duizend levens op, een kwart van alle overledenen. Kanker komt na hart- en vaatziekten daarmee op een tweede plaats in rangorde van de doodsoorzaken. De sterfte aan kanker is vorig jaar op hetzelfde niveau gebleven als in 1997.

Sterfte door ziekten van de ademhalingsorganen toegenomen

In 1998 zijn 14 duizend mensen gestorven aan ziekten van de ademhalingsorganen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door longontsteking (42%) en CARA (50%). Ten opzichte van 1997 is de sterfte aan de ziekten van de ademhalingsorganen met 6,5 procent toegenomen. Ook hier zijn de twee griepgolven in 1998 bepalend voor de verhoogde sterfte geweest.

Acuut hartinfarct komt vooral voor bij mannen

Bij mannen is het acuut hartinfarct de belangrijkste doodsoorzaak, gevolgd door longkanker en het herseninfarct. Van de sterfte aan kanker vormt longkanker de belangrijkste doodsoorzaak: ruim 6 600 overledenen in 1998. Dit is 32 procent van de totale kankersterfte bij mannen. In 1998 zijn er minder mannen aan longkanker overleden dan het jaar daarvoor. De daling van de afgelopen 10 jaar zet daarmee door.

Herseninfarct komt veel bij vrouwen voor

Bij vrouwen eist het herseninfarct de meeste levens op, gevolgd door het acuut hartinfarct en borstkanker. De sterfte aan borstkanker is vorig jaar op hetzelfde niveau gebleven als in 1997.

Opvallend is dat bij vrouwen het aantal overledenen aan longkanker vanaf 1970 zeer sterk is toegenomen. In 1998 neemt longkanker met bijna tweeduizend sterfgevallen na borstkanker de tweede plaats in binnen het totaal aantal sterfgevallen aan kanker. De kans om aan longkanker te overlijden is voor vrouwen echter nog aanmerkelijk kleiner dan het overlijden aan borstkanker. Aan borstkanker zijn vorig jaar ruim 3 500 vrouwen overleden.

Daling van het aantal aids-doden zet door

Uit de voorlopige cijfers van het CBS blijkt tevens dat het aantal sterfgevallen aan aids blijft afnemen. Vorig jaar zijn er in Nederland 135 mensen aan aids overleden. Dit is ruim 25 procent minder dan in 1997 toen nog 184 mensen aan aids overleden. In 1996 waren er in totaal nog 327 aids-doden, tegenover 439 in 1995. Het grootst aantal slachtoffers viel in 1994, toen overleden 444 mensen aan aids. In Nederland worden aids-patiënten sinds 1982 geregistreerd. Sinds die tijd heeft deze ziekte in Nederland het leven gekost aan bijna 3 500 mensen.

Technische toelichting

De gegevens zijn afkomstig uit de doodsoorzakenstatistiek van het CBS. Deze wordt samengesteld op basis van doodsoorzaakverklaringen die door artsen worden ingevuld. De cijfers over 1998 hebben een voorlopig karakter en hebben alleen betrekking op Nederlandse ingezeten.

Achtergrondinformatie

Voor achtergrondinformatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met het Centraal Bureau voor de Statistiek in Voorburg, dhr. J. Hoogenboezem, tel. (070) 337 52 64; e-mail: jhgm@cbs.nl. Overige informatie kunt u verkrijgen bij de persdienst van het CBS, tel. (070) 337 58 16.
Aantal overledenen naar maand van overlijden in 1997 en 1998* Totaal Hart- en vaatziekten Ziekten van de ademhalings-organen

1997

1998*

1997

1998*

1997

1998* januari

14.200

11.821

5.330

4.599

1.967

1.212 februari

11.676

10.791

4.305

3.945

1.520

1.111 maart

11.258

12.969

4.154

4.714

1.040

1.654 april

10.872

12.337

4.037

4.478

986

1.574 mei

11.148

11.588

4.078

4.104

1.019

1.192 juni

10.690

10.507

3.772

3.795

960

842 juli

10.684

10.994

3.834

3.819

921

950 augustus

11.658

10.729

4.043

3.695

1.088

929 september

10.178

10.644

3.720

3.820

751

874 oktober

10.981

11.042

4.100

4.075

920

1.010 november

10.773

11.292

3.986

4.240

929

1.059 december

11.665

13.254

4.402

4.761

1.075

1.632

totaal

135.783

137.968

49.761

50.045

13.176

14.039

© Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen, 1999 Bronvermelding is verplicht.
Verveelvoudiging voor eigen gebruik of intern gebruik is toegestaan.

Laatst gewijzigd: 29 april 1999

Deel: ' Twee griepgolven veroorzaken hogere sterfte in 1998 '




Lees ook