Tweede Kamer der Staten Generaal


00000000.123 brief sts vws stichting wad limburg
Gemaakt: 13-12-1999 tijd: 16:39


2

DE Voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport


7 december 1999

Naar aanleiding van uw bovenvermelde brief deel ik u het volgende mee.

In deze brief verzoekt u mij u op de hoogte te stellen inzake het initiatief van de Stichting WAD.

Deze stichting wil, als niet AWBZ-erkende instelling, een biologisch-dynamisch landbouwbedrijf op antroposofische grondslag in de provincie Limburg realiseren.

Hiertoe heeft men met de Stichting St. Anna te Heel (een wel AWBZ- erkende instelling) een intentieverklaring ondertekend.

Het ligt in de bedoeling dat St. Anna, ter financiering van het project acht plaatsen substitueert.

Deze acht plaatsen maken een integraal onderdeel uit van een onlangs bij dit ministerie door St. Anna ingediende verklaringsaanvraag voor herspreiding van 20 plaatsen van Noord- naar Zuid-Limburg en een capaciteitsuitbreiding van eveneens 20 plaatsen in Zuid-Limburg.

Technisch zullen deze 40 plaatsen dan komen te vallen onder de locatie Op de Bies te Landgraaf, zijnde een onderdeel van St. Anna.

Bij brief van 5 juli jl. heeft het College voor Ziekenhuisvoorzieningen een positief advies uitgebracht over het initiatief, terwijl Gedeputeerde Staten van Limburg en de Inspectie voor de Gezondheidszorg eveneens positief geadviseerd hebben.

Reden waarom het totaal-initiatief nog niet door mij gehonoreerd is ligt in het feit dat voor de capaciteitsuitbreiding met 20 plaatsen nog geen financiële dekking bestaat.

Wellicht wordt deze (deels) gevonden in de inmiddels bij de zorgkantoren ter advisering uitgezette bestuurlijke actualisatie, waarin aan de zorgkantoren wordt gevraagd voorstellen te doen voor volume-groei in hun regio voor de periode 2001-2002.

Met de herspreiding van de bestaande capaciteit van 20 plaatsen van Noord- naar Zuid-Limburg kan ik echter wel instemmen, daar hiermee geen extra volumekosten gepaard gaan.

Vraag blijft echter in hoeverre de bewuste acht plaatsen onderdeel uitmaken van de 20 herspreidings-, danwel 20 uitbreidingsplaatsen.

Ik ga er vanuit dat de acht plaatsen onderdeel uitmaken van de aangevraagde volumegroei.

Op basis hiervan moet ik de besluitvorming terzake opschorten tot het moment dat duidelijkheid bestaat over het al dan niet honoreren van dit deel van het initiatief aan de hand van het voorstel van het betreffende zorgkantoor in het kader van de bestuurlijke actualisatie.

Dit zal zijn beslag krijgen in het voorjaar van 2000.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,

Margo Vliegenthart

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Tweede Kamer biologisch-dynamisch landbouwbedrijf Limburg '




Lees ook