Tweede Kamer der Staten Generaal


19637000.488 motie inzake turks-koerdische vluchtelingen
Gemaakt: 22-12-1999 tijd: 12:38

TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL


2

Vergaderjaar 1999-2000


19 637

Vluchtelingenbeleid

Nr. 488

MOTIE VAN HET LID HALSEMA

Voorgesteld 16 december 1999

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat het uitgangspunt van het asielbeleid is dat alleen personen over wier veiligheid na terugkeer geen twijfel bestaat, in aanmerking komen voor terugkeer naar hun land van herkomst;

overwegende, dat de Kamer verschillende signalen van onafhankelijke mensenrechtenorganisaties hebben bereikt over dienstplichtige Turkse Koerden die na uitzetting naar Turkije in het leger onder mysterieuze omstandigheden om het leven zouden zijn gekomen;

overwegende, dat het onderzoek naar de doodsoorzaak van deze Koerden onvoldoende twijfel heeft weggenomen;

verzoekt de regering een grondig onderzoek, met controleerbare gebruikmaking van meerdere onafhankelijke bronnen te doen naar de signalen over marteling en naar de dood van uitgezette Koerden in Turkije, en in afwachting van dit onderzoek, alsmede van het ambtsbericht inzake de dienstplicht in Turkije, de uitzetting van Turks-Koerdische dienstplichtigen op te schorten,

en gaat over tot de orde van de dag.

Halsema

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Tweede Kamer motie inzake Turks-Koerdische vluchtelingen '




Lees ook