UNESCO ZET DE BEEMSTER OP
WERELDERFGOEDLIJST

Marrakesh/Den Haag/Zoetermeer, 1 december
1999

De Noord-Hollandse polder De Beemster staat vanaf vanmiddag 18.00u op de Lijst van het Werelderfgoed van de UNESCO. Dat besloot het Werelderfgoedcomité van de VN-cultuurorganisatie dat van 29 november tot 1 december zijn jaarvergadering houdt in Marrakesh (Marokko). Het Comité beschouwt de zeventiende-eeuwse "Droogmakerij de Beemster" als een meesterwerk van inventieve architectonische landschapsplanning waarin ideeën uit de Oudheid en de Renaissance werden toegepast. De manier van aanleggen vond in Europa en daarbuiten navolging en was een grote stap vooruit in de manier waarop de mens sociaal-economisch omgaat met het water, aldus de UNESCO. De plaatsing op de UNESCO-lijst betekent wereldwijde erkenning van het culturele en historische belang van dit door de Nederlandse regering voorgedragen monument.
Op de Werelderfgoedlijst staat een selectie van
natuurlijke en cultuurmonumenten van zo'n "bijzondere universele waarde", dat ze gerekend worden tot het collectieve erfgoed van de mensheid. Op de lijst - onderdeel van het Werelderfgoedverdrag van de UNESCO uit 1972 - staan nu zo"n 600 monumenten, variërend van de Egyptische pyramiden en het Yellowstonepark in de Verenigde Staten tot het tempelcomplex Angkor Wat in Cambodja, de Victoriawatervallen in Zambia en Zimbabwe en Auschwitz in Polen. Om voor plaatsing in aanmerking te komen moeten monumenten voldoen aan strenge en door onafhankelijke experts getoetste criteria.
Nederland heeft De Beemster in 1998 voor de
UNESCO-lijst voorgedragen vanwege zijn cultuur-historische waarde. De oorspronkelijke geometrische aanleg van de polder is tot op de dag van vandaag vrijwel onveranderd gebleven. Daarmee zijn de vroeg-17e-eeuwse opvattingen bewaard van hoe er binnen de geestelijke en maatschappelijke elite in het toen zo machtige Holland en Amsterdam werd gedacht over wat we nu stedenbouw, landschapsarchitectuur en ruimtelijke inrichting noemen. De UNESCO is het daar dus mee eens.
Het Werelderfgoedverdrag is het belangrijkste
internationale instrument voor de bescherming van natuur- en cultuurmonumenten. Landen die als partij toetreden verplichten zich tot bescherming van op de Lijst geplaatste monumenten door juridische regelgeving en andere maatregelen. Het Werelderfgoedcomité vergadert jaarlijks over de uitvoering van het verdrag en beslist dan ook over nieuwe voordrachten. Het Comité boog zich in Marrakesh over zo"n zeventig voorstellen.
Het Koninkrijk Nederland heeft nu zes
"wereldmonumenten". Eerder waren al Schokland (1995) en de Stelling van Amsterdam (1996), het molencomplex in Kinderdijk (ZH) en de historische binnenstad van Willemstad op Curaçao
(beide in 1997), en het Woudagemaal in Lemmer (1998) op de UNESCO-lijst geplaatst. Een belangrijke leidraad voor ons land bij de voordrachten is het thema "Nederland en het water".

____________________
Dit is een gezamenlijk persbericht van het Ministerie van OCenW en de Nationale UNESCO Commissie.

Contactpersonen
Andries van Helden en
Rolf Wijnstra (Nationale UNESCO Commissie) tel. 070 - 4260263 of 06 - 20417964 Marie Louise van der Ven
(Stichting Beemster Werelderfgoed) tel. 075 -
6148467 of 06 - 51693512
Henriëtte
Broekema, (Ministerie van OCenW) tel. 079 - 3232528

Kijk voor meer informatie over UNESCO, het
Werelderfgoed en de WHC-bijeenkomst in Marrakesh op http://www.unesco.org/whc/nwhc/pages/home/pages/homepage.htm  

Deel: ' UNESCO zet De Beemster op werelderfgoedlijst '




Lees ook