Ministerie van Financien

Titel: Aanbiedingsbrieven verslag informele ecofin 16 t/m 18 april 1999



DIRECTIE BUITENLANDSE FINANCIËLE BETREKKINGEN

Aan:

De Voorzitter van de Algemene Commissie voor Europese Zaken van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Plein 2

2511 CR DEN HAAG

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

BFB/99-409m

Onderwerp

te Dresden

Hierbij zend ik u, mede namens de Staatssecretaris van Financiën, het verslag van de vergadering van de Informele Ecofin-Raad van 16 t/m 18 april 1999.

Dit verslag wordt toegezonden aan de Voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer alsmede aan de Voorzitters van de Algemene Commissie voor Europese-Zaken en de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer.

DE MINISTER VAN FINANCIEN, Verslag informele Ecofin, 16 en 17 april 1999 in Dresden

Algemeen

Deze Ecofin was de eerste die plaatsvond onder voorzitterschap van de nieuwe Duitse minister van Financiën, Hans Eichel. Hij zat de vergadering vriendelijk en efficiënt voor. Hij gaf aan een overtuigd voorstander te zijn van Europese integratie en van een goede samenwerking tussen alle spelers op het terrein van het economische beleid. De discussie zou echter meer in de vergaderingen moeten plaatsvinden en minder via allerlei uitspraken in de media.

Euro-11

Voorafgaande aan de informele Ecofin vond een zogenaamde uitgebreide Euro-11 plaats, dat wil zeggen met inbegrip van de vier niet aan de muntunie deelnemende landen. Onderwerpen van bespreking waren: de actuele economische situatie, de externe vertegenwoordiging van de Unie en de bank holiday op 31 december 1999.

Economische situatie

Commissaris De Silguy refereerde aan het zojuist door de Commissie opgestelde ontwerp voor de globale economische richtsnoeren 1999. Deze bevelen in essentie een voortzetting aan van de economische strategie gericht op stabiel macro-economisch beleid en voortgezette structurele hervormingen. In het bijzonder spoorde Commissaris De Silguy de lidstaten aan, ondanks de tegenvallende economische groei, zoveel mogelijk vast te houden aan de budgettaire doelstellingen, zoals die door de lidstaten zijn opgenomen in hun stabiliteitsprogrammas. President Duisenberg van de ECB zei dat de ECB zijn groeivoorspellingen voor de Unie heeft verlaagd en dat de renteverlaging in dat licht, gezien ook de afwezigheid van druk op de prijzen, een adequate beleidsreactie was. Dit dient wel vergezeld te gaan van economische hervormingen. De op dit gebied meer actieve landen laten betere economische prestaties zien.

Diverse ministers spraken daarna over Kosovo, zowel over de invloed daarvan op hun economieën, als over de noodzaak vanuit Europa een passend antwoord te geven op de situatie die ontstaat na beëindiging van de vijandelijkheden. Een minister van een grote lidstaat stelde voor een tweejarig moratorium voor de schuldbetalingen van Albanië en Macedonië in te stellen, wat in het algemeen een positief onthaal kreeg. Sprekend over de economische situatie stelde dezelfde minister dat gezien de lagere overheidstekorten in de Unie en de lagere rente de policy mix blijkbaar nog niet zo slecht was. De coördinatie verloopt beter dan wel wordt beweerd. Hij stelde drie concrete maatregelen voor om de economische ontwikkeling te versterken:

een verlaging van de loonkosten van lager-betaald werk, versterking van de innovatie-inspanningen in Europa en een snelle aanpak van de oneerlijke belastingconcurrentie. Nederland, bij monde van Thesaurier-Generaal Oosterwijk, die Minister Zalm verving, gaf aan het met de Commissie eens te zijn dat de combinatie van stabiel macro-economisch beleid en structurele hervormingen in de huidige situatie de beste beleidsoptie is. Sommige landen, waaronder Nederland, hadden door eerdere voortgang in het terugbrengen van hun begrotingstekorten ruimte gecreëerd voor het (ten dele) laten werken van de automatische stabilisatoren. In de Nederlandse begrotingssystematiek gebeurt dit door tegenvallers aan de inkomstenzijde van de begroting te laten neerslaan in het tekort.

De voorzitter concludeerde dat er een grote mate van eensgezindheid bestaat over de analyse van de huidige situatie en over de optimale beleidsrespons. De volgende Euro-11 zal worden besteed aan bespreking van de begrotingsvoornemens van de lidstaten voor volgend jaar.

Externe vertegenwoordiging EU

Het voorzitterschap meldde dat de discussie met de VS zich in een impasse bevindt. De minister van een kleinere lidstaat, gesteund door een andere lidstaat, suggereerde de nationale centrale bankiers van de aan de muntunie deelnemende lidstaten niet langer aan de tafel van de G7 te laten plaatsnemen. Er is immers sprake van één monetaire autoriteit. Het onderwerp werd voor verdere bespreking terugverwezen naar het EFC.

Bank holiday

Er werd overeenstemming bereikt over een communiqué waarin staat dat de ECB besloten heeft tot sluiting van TARGET op 31 december a.s. Tegen de achtergrond hiervan zijn de ministers overeengekomen dat de lidstaten geëigende maatregelen moeten treffen om te voorkomen dat in ieder geval de verplichtingen van banken die betrekking hebben op euros niet opeisbaar worden of vervallen op 31 december a.s. Een en ander betekent overigens niet dat banken op deze datum geheel gesloten zullen zijn: toonbankbetalingsverkeer (geld- en betaalautomaten; pintransacties) en andere niet girale transacties blijven waarschijnlijk mogelijk.

Introductie van de chartale euro in 2002

Het betrof hier een niet geagendeerde onderwerp. Aan het begin van de informele Ecofin stelde Commissaris De Silguy dat hij het wenselijk vindt om zoveel mogelijk te werken met gemeenschappelijke principes en tijdschemas, zowel ten aanzien van de lengte van de periode van dubbele circulatie als het moment waarop de diverse groepen van belanghebbenden met euros worden bevoorraad. Hij stelde voor tijdens de volgende informele Ecofin op basis van een rapport van de Europese Commissie tot gemeenschappelijke principes op deze punten te komen.

Werkgelegenheidspact

Geen van de sprekers, ook het voorzitterschap, dat aan het begin van de bespreking afstand deed van enkele passages in het Duitse voorstel, was voorstander van nieuwe fora of nieuwe instrumenten. De president van de ECB, de heer Duisenberg, stelde dat het pact probeert Europese structuren te creëren voor wat op nationaal niveau effectief moet worden aangepakt. Hij wees ex ante coördinatie tussen monetair, budgettair en loonbeleid af. Ook communiqués achteraf zouden niet wenselijk zijn, hetgeen door de voorzitter werd bevestigd. Het gaat erom elkaars verantwoordelijkheden te respecteren.

Vrijwel alle sprekers waren van mening dat de macro-economische dialoog met sociale partners serieuzer moet worden aangepakt. Zij vonden dat dit in het kader van een normale vergadering van de Ecofin moest plaatsvinden. De minister van een grote lidstaat stelde voor de titel van het pact uit te breiden tot Employment and Structural Reform Pact. Dit werd door tenminste twee andere ministers gesteund. Een minister van een grotere lidstaat was van mening dat de relatie tussen lonen en werkgelegenheid moest worden toegevoegd aan het pact. Thesaurier-generaal Oosterwijk stelde dat het accent in de voorstellen van het voorzitterschap teveel lag op een verbeterde macro-economische coördinatie. De andere twee sporen in de aanpak, structurele hervormingen en implementatie van de werkgelegenheidsprocedures, waren wat onderbelicht. In dit licht verwees hij naar een recente Brits-Spaanse verklaring inzake structurele hervormingen en werkgelegenheid, die een goede aanvulling kan zijn op de voorzitterschapsteksten. De sociale dialoog zou toch vooral in de Sociale Raad dienen plaats te vinden. Tot slot verwees hij naar het voorstel van minister Zalm en minister De Vries voor het opstellen van een richtsnoer voor een gedifferentieerde loonontwikkeling.

De voorzitter concludeerde dat er overeenstemming is om de macro-economische dialoog te intensiveren. De globale economische richtsnoeren zijn het geschikte middel om de economische coördinatie vorm te geven en te presenteren aan het publiek. De Luxemburg- en Cardiff-procedures dienen verder ontwikkeld te worden. De voorstellen die in reactie op de voorzitterschapsteksten zijn ontvangen (w.o. brief Zalm-De Vries (bijlage 1 BFB/99-362m), Brits-Spaanse verklaring (bijlage 2)) zullen bij de verdere uitwerking worden betrokken.

Internationale financiële architectuur

Dit onderwerp is met name tijdens de lunch van ministers besproken. Ministers waren het erover eens dat er één Europees plan voor schuldvermindering van de armste landen moet komen. Het EFC heeft de opdracht gekregen de bestaande Europese voorstellen op elkaar af te stemmen. De meeste sprekers konden akkoord gaan met de creatie van een zogenaamde Contingent Credit Loan Facility (CCL), onder de voorwaarde dat de particuliere sector sterker wordt betrokken bij het voorkomen en bestrijden van financiële crises. Het IMF mag geen lender of last resort worden: zijn traditionele katalyserende rol moet juist worden versterkt. Over de versterking van het Interim Comité werd opgemerkt dat de Europese leden de voorzitter van het comité, de Italiaanse minister Ciampi, zoveel mogelijk moeten steunen. Voor een minister van een grote lidstaat hield dit in dat hij niet zou aandringen op zijn oorspronkelijke voorstel het comité te transformeren in een raad. Ministers waren het erover eens dat praktische verbeteringen in de werkwijze van het comité moesten worden nagestreefd. Genoemd werden: vorming van werkgroepen van flexibele samenstelling onder het IC, het houden van Deputies-bijeenkomsten ter voorbereiding van het IC en de aanwezigheid van de president van de Wereldbank bij het IC. Tot slot waren de meeste sprekers voorstander van een steviger aanpak van de zogenaamde hedge funds. Het zojuist opgerichte Financiële Stabiliteitsforum, op voorstel van de heer Tietmeyer, zal de mogelijkheden hiertoe bestuderen.

Voortgangsrapport werkgroep Primarolo (Code of conduct)

De Britse staatssecretaris, mevrouw Primarolo, gaf een rapport inzake de voortgang van de werkzaamheden van de Code-of-conductwerkgoep. Voor de Ecofin van 25 mei zal een tweede interim-rapport worden geagendeerd. Mevrouw Primarolo meldde dat de werkgroep zich in hoog tempo door de geïnventariseerde 80 regelingen heen werkt, maar dat de voortgang wordt bemoeilijkt door nieuwe notificaties door lidstaten, waardoor in totaal 100 nieuwe regelingen aan het licht zijn gebracht. De werkgroep blijft zich echter richten op het primaire doel: afronding van het rapport in november.

Belasting op spaartegoeden

Commissaris Monti gaf aan dat mede door de voorstellen van het voorzitterschap aanmerkelijke voortgang is geboekt. Hij vroeg instemming van de Groep Financiële Vraagstukken de voorstellen rond de zogenaamde betaalagenten nader uit te werken. Verder zag hij mogelijkheden de voorstellen in te dienen, zonder afbreuk te doen aan de concurrentiekracht van de Europese financiële markten, bijvoorbeeld door voor obligaties onderscheid te maken tussen de particuliere en de professionele belegger. De ministers van een grote en van een kleine lidstaat uitten hun bedenkingen bij de wenselijkheid en de mogelijkheid hiervan.

De minister van een kleinere lidstaat deed een voorstel voor revenue-sharing, met name voor de landen die kiezen voor zogenaamde informatie-uitwisseling. Dit werd gesteund door Nederland en twee andere lidstaten. Voor de Ecofin van 25 mei zullen nieuwe voorstellen worden geagendeerd.

Energiebelasting

De minister van een kleine lidstaat vond dit onderwerp zeer geschikt voor de differentiatie, die in het Verdrag van Amsterdam is ingebouwd. Een grote lidstaat had problemen met het heffen van energiebelasting op gezinnen. Een minister van een andere lidstaat wees op de macro-economische gevolgen van de invoering van zon heffing, vooral voor de landen die hun achterstand in industrialisering willen inlopen. Commissaris Monti gaf aan op de Ecofin van 25 mei met een nieuw voorstel te komen, waarin de resultaten van studies naar de effecten van zon heffing worden betrokken.

Inter-institutioneel akkoord en Agenda 2000

President Santer en comissaris Liikanen gaven aan dat om de instemming van het EP te verkrijgen voor het resultaat van de Europese Raad van Berlijn en voor het opstellen van een nieuw Inter-institutioneel Akkoord bepaalde concessies, met name in categorieën 3 en 5 nodig zijn. Ministers van een aantal zuidelijke lidstaten wilden in ieder geval dat de categorieën 1 en 2 met rust worden gelaten: geen compensatie voor eventuele verhogingen elders. Rond de tafel was een welwillende houding ten opzichte van de positie van de Commissie te bespeuren, mits de bedragen waar het om gaat beperkt zullen blijven.

Onder dit agendapunt vroeg de minister van een grote lidstaat om een rapport van de Commissie en de EIB over de voortgang en mogelijke versnelling van de EIB financiering van Trans Europese Netwerken. De Commissie zal dit, in samenwerking en overleg met de EIB, op zich nemen.

DIRECTIE BUITENLANDSE FINANCIËLE BETREKKINGEN

Aan:

De Voorzitter van de Vaste Commissie voor Financiën

van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Plein 2

2511 CR DEN HAAG

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

BFB/99-409m

Onderwerp

te Dresden

Inlichtingen: Freek Janmaat· Telefoon: 070-342 7180· Fax: 070-342 7901 · Postbus 20201, 2500 EE Den Haag

Bezoekadres: Korte Voorhout 7, Den Haag

Hierbij zend ik u, mede namens de Staatssecretaris van Financiën, het verslag van de vergadering van de Informele Ecofin-Raad van 16 t/m 18 april 1999.

Dit verslag wordt toegezonden aan de Voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer alsmede aan de Voorzitters van de Algemene Commissie voor Europese-Zaken en de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer.

DE MINISTER VAN FINANCIEN,

DIRECTIE BUITENLANDSE FINANCIËLE BETREKKINGEN

Aan:

De Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Binnenhof 22

2513 AA DEN HAAG

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

BFB/99-409m

Onderwerp

te Dresden

Inlichtingen: Freek Janmaat· Telefoon: 070-342 7180· Fax: 070-342 7901 · Postbus 20201, 2500 EE Den Haag

Bezoekadres: Korte Voorhout 7, Den Haag

Hierbij zend ik u, mede namens de Staatssecretaris van Financiën, het verslag van de vergadering van de Informele Ecofin-Raad van 16 t/m 18 april 1999.

Dit verslag wordt toegezonden aan de Voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer alsmede aan de Voorzitters van de Algemene Commissie voor Europese-Zaken en de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer.

DE MINISTER VAN FINANCIEN,

DIRECTIE BUITENLANDSE FINANCIËLE BETREKKINGEN

Aan:

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Plein 2

2511 CR DEN HAAG

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

BFB/99-409m

Onderwerp

te Dresden

Inlichtingen: Freek Janmaat· Telefoon: 070-342 7180· Fax: 070-342 7901 · Postbus 20201, 2500 EE Den Haag

Bezoekadres: Korte Voorhout 7, Den Haag

Hierbij zend ik u, mede namens de Staatssecretaris van Financiën, het verslag van de vergadering van de Informele Ecofin-Raad van 16 t/m 18 april 1999.

Dit verslag wordt toegezonden aan de Voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer alsmede aan de Voorzitters van de Algemene Commissie voor Europese-Zaken en de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer.

DE MINISTER VAN FINANCIEN,

DIRECTIE BUITENLANDSE FINANCIËLE BETREKKINGEN

Aan:

Alle Ministers

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

BFB/99-409m

Onderwerp

te Dresden

Inlichtingen: Freek Janmaat· Telefoon: 070-342 7180· Fax: 070-342 7901 · Postbus 20201, 2500 EE Den Haag

Bezoekadres: Korte Voorhout 7, Den Haag

Hierbij zend ik u, mede namens de Staatssecretaris van Financiën, het verslag van de vergadering van de Informele Ecofin-Raad van 16 t/m 18 april 1999.

Dit verslag wordt toegezonden aan de Voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer alsmede aan de Voorzitters van de Algemene Commissie voor Europese-Zaken en de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer.

DE MINISTER VAN FINANCIEN,

Deel: ' Verslag informele Eecofin-raad 16 t/m 18 april 1999 '




Lees ook