shell

02-09-1999

verwijdering brent spar kostte 200 miljoen gulden

londen - de brent spar bestaat niet langer. met het plaatsen van de in vier grote cilinders gesneden romp op de havenbodem van mekjarvik (bij stavanger) en het afleveren van de top van deze ‘oliedobber’ bij een sloopwerf in noorwegen, is een eind gekomen aan deze geruchtmakende fase in de shell-geschiedenis.

de vier cilinders dienen bij mekjarvik als fundering onder een verlenging van een brede havenkade voor gebruik door roll on roll off schepen. in het voorjaar van 1995 liepen in een aantal europese landen de publieke emoties hoog op toen actiegroepen ondere aanvoering van greenpeace beweerden dat het oorspronkelijke shell-plan van dumping in de diepe oceaan een onacceptabele milieubelasting van de zee zou betekenen ("De zee is geen vuilnisvat").

Hoewel later door onafhankelijke deskundigen werd bewezen dat Greenpeace de milieudreiging extreem had uitvergroot, koos eigenaar Shell Expro vervolgens voor een ‘minst milieubelastende’ ontmanteling. De kosten van de definitieve verwijdering van dit voormalige olie-opslag- en
-overlaadstation zijn zeer aanzienlijk geweest. Tot het moment waarop in juni 1995 de Shell-top besloot om de dumping niet door te zetten, was al £19 miljoen kosten gemaakt om de Brent Spar klaar te maken voor een zeemansgraf.

De door de Brits-Noorse aannemerscombinatie Wood-GMC sindsdien gemaakte kosten werden in eerste aanleg geraamd op £21,5 miljoen. Door steeds verdergaande milieu- en veiligheidsmaatregelen liep dit uiteindelijk op tot £41 miljoen. Zodat de totale eindafrekening van de verwijdering van de Brent Spar is uitgekomen op £60 miljoen. Tegen de wisselkoers van vandaag is dat 200 miljoen gulden.

Deel: ' Verwijdering Brent Spar kostte 200 miljoen '




Lees ook