Vlaamse regering

PERSMEDEDELING VAN DE VLAAMSE REGERING

VERGADERING VAN 23 FEBRUARI 1999

Gemeentelijke rioleringen anders gesubsidieerd

Op voorstel van Vlaams minister van Leefmilieu Theo KELCHTERMANS keurde de Vlaamse regering het subsidiëringsbesluit gemeentelijke rioleringen principieel goed. Hiermee wordt een nieuwe stap gezet in de uitbouw van gescheiden rioleringsstelsels.

In 1996 lanceerde minister Kelchtermans het Rio-project. Om de gemeenten te stimuleren hun rioleringsnetwerk uit te bouwen wordt via dit Rio-project zowel financiële als technische ondersteuning verleend. Bovendien is dankzij de rollende vijfjarenprogramma's een betere afstemming tussen de uitbouw van de gemeentelijke riolering en de investeringsprogramma's van de NV Aquafin mogelijk, met een grotere zekerheid voor de gemeenten inzake de financiering van hun milieu-investeringen. Deze formule blijkt tegemoet te komen aan de behoefte van de gemeenten. Inmiddels zijn de subsidiëringsprogramma's 1996, 1997, 1998 en 1999 in uitvoering. Het programma 2000-2004 ligt thans ter mede-ondertekening bij de gemeenten.

Tot op heden is deze subsidie vastgesteld op 50 % van een deel van de kosten. Bij de aanleg van nieuwe riolen moet de code van goede praktijk worden toegepast. Dit betekent dat maximaal gescheiden stelsels aangelegd dienen te worden. De kostprijs van een gescheiden stelsel is hoger dan die van een gemengd stelsel, tenzij het hemelwater afgevoerd kan worden via een bestaand grachtenstelsel. Deze grachtenstelsels zijn in het verleden echter om diverse redenen gedempt. Vanuit milieu-oogpunt is de aanleg van een gescheiden stelsel met herwaardering van het grachtenstelsel duidelijk de beste oplossing. De rioolwaterzuiveringsinstallaties functioneren immers beter door de verminderde aanvoer van niet verontreinigd hemelwater, er is een positief effect op de waterkwaliteit daar de overstorten minder vaak in werking zullen treden, en het overstromingsrisico vermindert doordat het hemelwater vertraagd wordt afgevoerd en kan infiltreren in de bodem. Maar ook op particulier vlak moet de opvang en het hergebruik van hemelwater door middel van regenwaterputten gestimuleerd worden.

Daarom wordt het bestaande subsidiëringsbesluit nu verder verfijnd door:

- de subsidie te beperken tot de gemeenten die op hun grondgebied een geïntegreerd waterbeleid voeren;
- aan de gemeente een hogere subsidie te verlenen voor de aanleg van een gescheiden stelsel;

- de subsidieerbare werken uit te breiden met projecten inzake herwaardering van grachten of de aanleg van retentie- of infiltratiebekkens;

- en een gratis kwaliteitscontrole van het rioleringsdossier te voorzien op maat van de gemeenten vanaf de totstandkoming van het dossier.

De subsidieverhoging tot 75 % voor de aanleg van een gescheiden stelsel wordt gekoppeld aan de voorwaarde dat de gemeente op haar grondgebied een subsidieregeling invoert voor de bouw van regenwaterputten en een bouwverordening vaststelt die bepaalt dat voor nieuwbouw een hemelwaterput geïnstalleerd moet worden.

Met deze benaderingswijze wordt een dubbel doel nagestreefd. Enerzijds wordt verdroging tegengegaan door het stimuleren van hergebruik van hemelwater. Daardoor wordt minder drinkwater van hoogwaardige kwaliteit gebruikt voor laagwaardige doeleinden zoals het spoelen van toiletten, maar ook wordt door het hemelwater via grachtenstelsels op natuurlijke wijze de grondwatertafel aangevuld. Anderzijds verminderen de risico's op overstroming door het uitbouwen van de bergingscapaciteit en het vertraagd afvoeren van hemelwater.

Het nu principieel goedgekeurde besluit zal voor advies voorgelegd worden aan de Raad van State.

info : Jean Vrijsen, woordvoerder van
minister Kelchtermans - tel. (02) 553 70 11 e-mail: persdienst.kelchtermans@vlaanderen.be

Deel: ' Vlaamse gemeentelijke rioleringen anders gesubsidieerd '




Lees ook