Millennium Platform

Vitale sectoren en de millenniumovergang in Nederland

12 januari 2000

Nu het Millennium stof een beetje is neergedaald is het wellicht nuttig om vanuit het Millennium Platform een korte voorlopige terugblik te geven op alle gebeurtenissen, of niet-gebeurtenissen.

Het begin
Vanaf 1997 werkten Millennium Platform, overheid, sector Platformen en vele andere organisaties eendrachtig samen, conform hun opdracht, om millennium onheil in Nederland te voorkomen. Het beeld, toentertijd met name afkomstig van deskundige projectleiders in (grote) organisaties die al jaren aan het probleem werkten, was dat het een zeer serieus probleem was, dat tot maatschappelijke stagnatie kon leiden, indien niet serieus aangepakt. Dat beeld is nimmer, ook nu niet, veranderd. Er was ook indertijd dus eenvoudigweg geen andere optie, voor een zo IT gevoelig land als Nederland, om dan de zaak maar degelijk, sector voor sector, aan te pakken. Nederland is toen, samen met een nog beperkt aantal andere landen, aan de slag gegaan om met name de meest kwetsbare sectoren te behoeden voor onheil. Op basis van pilots, onderzoeken, audits en wat dies meer zij hebben vervolgens allerlei organisaties en met name de zogenaamde vitale sectoren uitgezocht welke systemen gerepareerd of vervangen moesten worden. Ook werd nagegaan waar een berekenbaar risico gelopen kon worden, omdat totale vervanging te duur, in de tijd niet haalbaar en ook niet nodig zou zijn. De beroemde 80/20 regel is een veel gebruikt motto uit de begintijd, terug te vinden in de vele adviezen, werkboeken en folders.

Sectoren, kosten en storingen
Als gevolg van die activiteiten kwam iedere sector met een andere aanpak waarop de nadruk gelegd moest worden, maar dus ook met andere kosten.
Zo kwam de bancaire sector (in hoge mate kwetsbaar in administratieve systemen) uit op een bedrag in de orde grootte van fl. 2 miljard (inclusief buitenlandse vestigingen). Alle administratieve systemen zijn noodzakelijkerwijs zeer grondig aangepakt, waarbij soms wel tot 60% van de projectkosten aan testen werd uitgegeven. Afgezien van veel maar relatief kleine datumproblemen zoals bij Girotel en de VSB bank ging de millenniumovergang vlekkeloos, inclusief maandagnacht 3 januari waarin de eerste transacties werden verwerkt. Ernstige embedded problemen waren overigens tijdig gevonden in enkele grote laserprinters voor bankafschriften. In het buitenland zijn enkele wat serieuzer problemen geconstateerd zoals de foute overboekingen bij de VISA creditcard.
Enkele grote multinationals noemden bedragen van ongeveer een miljard (inclusief buitenland), waarbij in het algemeen opviel dat men vond dat de eerder gevreesde embedded problematiek (chips in apparaten) meegevallen was.
De zo vitale energie sector kwam slechts op circa fl. 200 miljoen uit, eveneens met uiteindelijk weinig embedded problemen in de voor de burger en organisaties essentiële productie- en distributiesystemen. Een belangrijke verworvenheid is de opstelling van het Nationaal Energie COntinuïteitsPlan (NECOP), waarmee nu beschikt wordt over vernieuwde procedures in geval van calamiteiten. De telecommunicatiesector gaf circa fl. ½ miljard uit en beleefde een vlekkeloze, rustiger dan normale, jaarovergang. In het buitenland (Tsjechië, Hongarije, Vietnam en Indonesië) traden wel langere storingen op in het telecomverkeer. In Nederland traden wel kortdurende stagnaties op in het 1-1-2 verkeer door een teveel aan bellers.
In de voedingssector (circa fl. ½ miljard uitgegeven)is de millenniumovergang rustig verlopen, ondanks de 'adviezen' van Maurice de Hond enkele dagen voor oud en nieuw. Toen deze met zijn verbazingwekkende uitspraken kwam, vreesde men even dat alsnog een run op de winkels zou ontstaan met alle logistieke problemen van dien. Maar deze bleef gelukkig vrijwel achterwege. In productiebedrijven traden wel kleine storingen op. Deze deden zich vooral voor in de systemen van de productieplanning en de administratieve systemen. Daarnaast waren er problemen met kassa's Uit ervaringen van de grote voedingsconcerns werd ondubbelzinnig duidelijk dat deze bedrijven allerlei productieproblemen hadden gekregen als niet adequaat zou zijn ingegrepen. De voedingsector heeft inclusief investeringen ruim een half miljard gulden aan het afwenden van het millenniumprobleem uitgegeven.
De zorgsector gaf naar schatting ruim fl. 600 miljoen uit. In de voorbereidingsfase zijn millenniumgebreken gevonden in vitale apparatuur zoals: laboratoriumapparatuur, sterilisatieapparatuur, gammacamera's, cardiologieapparatuur, patiënten data systemen. Er zijn weinig ernstige problemen in apparatuur gevonden, maar ze waren er wel. De Ziekenhuis Informatie Systemen (de centrale, administratieve zorgsystemen) moesten noodzakelijkerwijs vrijwel allemaal tijdig gerepareerd worden. Zonder reparatie zouden zorgadministratieve functies uitgevallen of ernstig verstoord zijn geweest. De eigen noodvoorzieningen, zoals energieopwekking (achteraf dus niet nodig) zouden in veel gevallen deels gefaald hebben en zijn nu weer op orde. Op 1 januari verliep alles uitstekend. Wel kwamen achteraf uit 18 ziekenhuizen (15%) kleine probleemmeldingen, waarbij in 6 vitale systemen. Storingen zijn gemeld in communicatiesystemen tussen huisartsen en ziekenhuizen (laboratorium uitslagen) en patiënten maaltijdsystemen. Nimmer is de directe patiëntenzorg in gevaar geweest.
Ook de transportsector beleefde een vlekkeloze overgang. Sommige routeplanningssystemen hadden problemen, die echter handmatig omzeild konden worden, hoewel hier en daar wat vertraging ontstond. Het luchtverkeer startte zonder problemen, zij het dat in enkele landen, zoals verwacht, de eerste tijd met wat extra veiligheidsmarge gevlogen moest worden. Ook de Rotterdamse haven hoefde geen schepen te weren, wel had een containerbedrijf absoluut problemen gehad, als de systemen niet tijdig gerepareerd waren. Een negental binnenvaartschepen ondervond stagnatie doordat de schepen niet volgens afspraak hun millenniumstatus in het juiste systeem hebben gespecificeerd. Het treinverkeer functioneert normaal.
De Rijksoverheid geeft aan er fl. 2,1 miljard aan uitgegeven te hebben. Na de overgang worden kleine incidenten gemeld die allemaal handmatig konden worden opgevangen zoals postregistratiesystemen, bewakings- en toegangsbeveiligingssystemen
In lagere overheden waren er wat problemen met sociale dienst systemen.
Het MKB (circa 500.000 bedrijven) heeft er een onbekend bedrag aan uitgegeven, dat echter wel verdisconteerd zit in de schatting van fl. 20 miljard. De technische bedrijfstakken hebben de zaak meestal grondig aangepakt, terwijl de minder kwetsbare en kleinste bedrijven het er vaak op aan hebben laten komen. Storingen worden gemeld in oude kassa systemen en met datums..
De inmiddels beroemde fl. 20 miljard is een optelsom van door betrokkenen en veelal vitale sectoren zelf bewust uitgegeven kosten; kosten die dus logischerwijs ook zeer verschillend zijn per sector of bedrijf. De gemaakte kosten zijn grofweg te verdelen in enerzijds herstel en vernieuwingskosten van wat aan concrete problemen was gevonden en anderzijds de zekerheidsmarge die men wilde aanhouden bij, met name voor de burger, vitale systemen. De vitale sectoren hebben ongetwijfeld op zeker gespeeld. Ik denk niet dat een weldenkend mens dat in Nederland anders zou willen zien en anders had verwacht.

Waarom gaat het overal goed. Gaat het overal goed? De bekende vraag is waarom andere landen die later begonnen zijn en/of er minder aan gedaan hebben er zo goed afgekomen zijn. Deels is dat verklaarbaar en deels is het nog maar de vraag of de stelling juist is. Zeker is dat de stelling in zijn ongenuanceerdheid niet klopt. De telefooncentrales, vliegtuigen, bancaire systemen, nucleaire installaties e.d. zijn in alle landen uitgebreid onderzocht, ontwikkelingsland of niet. Eenvoudig omdat achter de daarmee gemoeide producten grote firma's en toezichthoudende organen staan die hun wereldwijde verantwoordelijkheid genomen hebben. Het is dus gewoon onwaar dat dit soort apparaten in ontwikkelingslanden niet zouden zijn gerepareerd. Ten tweede hebben achterlopende landen in niet geringe mate geprofiteerd van de vooroplopende landen. Vooroplopende landen hebben om niet een enorme hoeveelheid kennis aan andere landen ter beschikking gesteld. Dankzij een intensieve en nooit eerder vertoonde informatie-uitwisseling tussen landen, met name via het inderhaast eind 1998 ingestelde International Y2K Cooperation Center, hebben in alle regio's sectorbijeenkomsten plaatsgevonden waar productinformatie per sector werd uitgewisseld. De wereldbank heeft via het IYCC systeem miljoenen dollars bijgedragen aan het oplossen van de ergste problemen in vitale sectoren in ontwikkelingslanden. Veelal onder de coachende leiding van internationale organisaties als IAEA (nucleaire energie), IATA en ICAO (luchtvaart), IMO (maritiem), Global2000 en BIS (financiële sector) enzovoort. Daarnaast blijft het natuurlijk zo dat men in de ontwikkelingslanden minder geautomatiseerd heeft en men gewend is aan niet goed functionerende infrastructuur. Of iets nu niet werkt door Y2K of andere problemen wordt dus domweg ook niet gerapporteerd. De achterlopers profiteerden alles bij elkaar in niet geringe mate (en overigens terecht) van de kennis van voorlopers en waren bovendien veel minder kwetsbaar.

Maar waarom gaat het dan zo goed in landen die toch aanzienlijk geautomatiseerd zijn en er weinig aan gedaan hebben? De vraag is voorlopig nog of het daar wel zo goed gaat. Als we de inmiddels honderden kleine incidenten zien uit allerlei landen wordt alleen daaruit al natuurlijk duidelijk dat er weldegelijk een echt millenniumprobleem was (en is). Alle landen, ook minder actieve ontwikkelde landen, hebben zich hoofdzakelijk druk gemaakt om de meest kwetsbare vitale sectoren te behoeden voor uitval, via een soort top-down benadering. Met name toen de tijd begon te dringen zijn niet bedreigende zaken niet aangepast of voorlopig handmatig opgelost. Dat is kennelijk goed gelukt. Noch overheden, noch private bedrijven hebben er nu nog belang bij de incidenten te melden die voor de burger niet direct ernstig zijn. Dat betekent dat het grootste deel van de incidenten en storingen niet in de kranten staat of zal komen, maar in stilte wordt opgelost. Op 1 januari gaf het Millennium Platform overigens al aan dat organisaties hun millenniumproblemen niet aan de grote klok zouden willen hangen. Een groot deel van mogelijk ernstiger storingen (met name in administratieve systemen) is nog helemaal niet bekend, want komt pas tevoorschijn in maandwerk (b.v. salarisberekeningen) of bij andere rekentechnische bewerkingen met opgeslagen gegevens. Overigens wordt aan het Millennium Platform door betrouwbare bronnen binnen de automatiseringsindustrie inmiddels gemeld dat er sprake is van veel problemen bij de cliënten van automatiseringsbedrijven, die momenteel worden verholpen. Steevast wensen de betreffende organisaties hierover niets naar buiten te brengen. Wat nu wel vaststaat is dat grote calamiteiten voor de burger zich niet hebben voorgedaan en dat die zich met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet meer zullen voordoen. Maar daar was de hele exercitie ook op gericht. En met dat wereldwijde resultaat mogen we dan ook absoluut tevreden zijn, ondanks de nu her en der optredende storingen.

Zijn de kosten nuttig besteed?
Interessant is inmiddels wel dat Nederland er naar verhouding veel geld aan uitgegeven heeft. In Amerika is sprake van fl. 200 miljard (private sector en overheid), in het VK van fl. 60 miljard. Cijfers van Frankrijk en Duitsland zijn niet bekend, maar liggen ongetwijfeld verhoudingsgewijs lager. Het zou aan kunnen tonen dat Nederland in hoge mate is geautomatiseerd (wat zeker is) en dat men in Nederland weinig risico wenst te nemen (wat een bewuste keuze was). Het kan ook aantonen dat Nederland het millenniumprobleem massaal heeft gebruikt om eens flink de bezem door de IT-kast te halen. Het oor te luisteren leggend bij projectleiders van sectoren en bedrijven blijkt dat ook het geval te zijn. Nederland heeft tamelijk rigoureus zijn IT infrastructuur vernieuwd. Oude programma's zijn gesaneerd, veel hobby programma's zijn ontmanteld, onnodig geworden licenties opgezegd, maatwerk is vervangen door pakketsoftware, testomgevingen zijn opgesteld dan wel vernieuwd. Organisaties en projectleiders stellen dat vaak circa de helft is uitgegeven aan reparatie, inhuur e.d. en de andere helft aan (vaak naar voren gehaalde) investeringen. Projectleiders stellen dat de IT beheerskosten vaak aanzienlijk zijn teruggebracht. Dat alleen zou wel eens miljarden waard kunnen blijken te zijn. Hoewel de exercitie daar natuurlijk niet in de eerste plaats voor bedoeld was zullen de gedane IT vernieuwingen (miljarden dus) Nederland in de komende jaren geen windeieren leggen in een wereld waarin de economische ontwikkeling steeds nadrukkelijker wordt bepaald door de mate waarin informatietechnologie is ingevoerd.

Public confidence en de media.
Wat ook opvalt in dit gehele project is dat in alle landen de gemoedsrust is bewaard. Natuurlijk zijn er individuele gevallen (Maurice de Hond, Ed Yourdon) of landen (Nieuw Zeeland, Japan) bekend van enige paniekzaaierij met hamsteradviezen, of overtrokken negatieve reisadviezen (USA, Australië en VK). Maar het totale beeld is toch dat de westerse landen intern en gezamenlijk in het gehele project de burgers evenwichtig en open hebben geïnformeerd en dat daardoor de paniekzaaiers geen vat hebben gekregen op de burger. Dat kon ook omdat de echte problemen (calamiteiten in vitale sectoren) tijdig overwonnen waren en de burger heeft deze consistente stroom van juiste berichtgeving van gezaghebbende organisaties gelukkig ook vertrouwd. In Nederland is zeer veel aandacht besteed aan onderling afgestemde berichtgeving (onder andere de Millenniumkrant en TV spotjes). De nationale campagnes zijn in internationaal verband uitgewisseld. Hoewel ieder land op zijn manier de burger heeft geïnformeerd is zeker dat, door van elkaar te weten wat men deed en dat ook te bespreken, veel is bijgedragen aan het geven van een wereldwijd consistent beeld over de problematiek aan de burger. Het vertrouwen is mede daardoor het gehele traject zeer behoorlijk intact gebleven. Indien dit vertrouwen massaal verloren was gegaan, doordat allerlei regeringen met volkomen verschillende maatregelen waren gekomen, dan hadden nog vreemde taferelen kunnen ontstaan.

Rollover: mondiaal en mediaal non-event
Omdat midden 1999 duidelijk werd dat de belangrijkste problemen overwonnen waren, moest de rollover logischerwijs mondiaal en mediaal gesproken wel een non-event worden. Herhaaldelijk hebben het Platform en de overheid de laatste maanden uitgesproken dat van calamiteiten geen sprake zou zijn, dat het weekeinde gerust tegemoet gezien kon worden maar dat in de weken na de jaarwisseling kans bestond op veel kleine storingen. Het licht zou blijven branden, hamsteren was niet nodig. Ook andere landen lieten zich in het algemeen zo uit. Op alle regiovergaderingen wereldwijd, voor West-Europa in Europese Commissie verband, in het najaar was duidelijk geworden dat de vitale infrastructuren geen risico meer liepen. Ook niet (als voorbeeld) de nucleaire reactoren in de Oekraïne; een land dat hier ondersteund door IAEA onderzoek, openlijk over rapporteerde. Naarmate het moment vorderde leken de media daar geen genoegen mee te willen nemen. Men wilde een spannende jaarovergang. Ook Maurice de Hond leverde daartoe nog een opportunistische bijdrage. De burgers bleven echter gelukkig vertrouwen op de officiële berichtgeving en lieten zich niet van hun stuk brengen. Overheid en Platformen kregen gelijk: wat ze voorspelden kwam gewoon uit. Het werd, uit millenniumoogpunt, een rustige jaarwisseling. En inderdaad worden nu meer en meer kleine storingen gemeld.

Komende weken
Hoe zich uiteindelijk het patroon de komende weken ontwikkelt en of bepaalde landen hun minder actieve gedrag alsnog moeten bekopen door extra achterstand op IT gebied of grotere storingen in administratieve systemen moet blijken. Het type jaartal storingen dat nu op beeldschermen en op gedrukte stukken verschijnt moet logischerwijs in veel gevallen ook leiden tot storingen in de software en databases, met alle effecten van dien. Zeker is dat vastgesteld kan worden dat de eerste serieuze cyber-war tegen de gemeenschappelijk millennium bug mede met inzet van diezelfde IT hulpmiddelen tijdig gewonnen is, althans op het punt van grotere maatschappelijke verstoringen. De bug is verpletterd mede dankzij een unieke nationale en internationale samenwerking en zijn kleine restanten zullen ongetwijfeld middels de normale structuren kunnen worden weggewerkt, hoewel dat in de praktijk best nog eens jaren kan vergen.


Bovenstaande tekst is via het icoontje te downloaden. De integrale tekst van de brief is te lezen en printen met behulp van Acrobat Reader.


Document aangemaakt:
Laatste wijziging: 12-01-2000
24-01-2000

Deel: ' Voorlopige terugblik Millennium Platform '




Lees ook