Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Voortgangsrapportage C2000

12 oktober 1999
Inleiding
Voortgangsrapportage oktober 1999
In vervolg op de voortgangsrapportage van april jl. informeer ik u hierbij over de voortgang rond het project C2000, mede namens de ministers van Justitie, van Defensie en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het project C2000 behelst de realisatie van een landelijk digitaal netwerk voor mobiele communicatie voor politie, brandweer, ambulancediensten en Koninklijke marechaussee. In het volgende deel van deze brief schets ik u de actuele ontwikkelingen.
Moties
In vervolg op de debatten die ik met u op 20 mei en 3 juni jl. gevoerd heb naar aanleiding van mijn voortgangsrapportage C2000 van 9 april 1999 (EIB99/U64667), heb ik u inmiddels met mijn brief van 22 september 1999 (EIB99/U82098) mijn standpunt ten aanzien van de motie Rietkerk (25 124 nr. 9) kenbaar gemaakt. Daarbij heb ik u tevens het "Plan van Aanpak Evaluatie Proefproject, versie 3.3" aangeboden. Dit plan is tot stand gekomen in overleg met de Stuurgroep Startregio en beschrijft de wijze waarop de beoordeling van de bestuurlijke, organisatorische en financiële aspecten van het C2000 project in de Startregio ten behoeve van de te nemen Go/No-go beslissing is georganiseerd. De evaluatie zal verder ervaringen en informatie opleveren die zullen worden benut om de eventuele uitrol van het C2000 Systeem in de rest van het land goed te laten verlopen. De evaluatie wordt begeleid door PricewaterhouseCoopers als onafhankelijke deskundige. Conform mijn toezegging en de motie Wagenaar (25 124 nr. 8), ontvangt u als bijlage bij deze brief het Algemeen Projectplan C2000 versie 2.3. Dit Algemeen Projectplan geeft de kaders waarbinnen het project C2000 dient te worden uitgevoerd en beschrijft de wijze waarop de uitvoering zal worden gerealiseerd. Over de inhoud van het Algemeen Projectplan bestaat overeenstemming tussen BZK, de Informatie en Communicatie Technologie Organisatie (ITO) en de Stuurgroep Startregio. Op korte termijn zal dit plan ook in de Landelijke Stuurgroep worden besproken. Overeengekomen is dat het plan de komende jaren waar nodig zal worden aangepast, na wederzijds verkregen instemming, aan de laatste stand van zaken.
In het Algemeen Projectplan wordt onder meer ingegaan op de maatregelen die zijn en worden getroffen ten aanzien van de in de motie Wagenaar verwoorde punten van zorg: de technische, financiële en organisatorische aspecten van C2000, alsmede de plaats en verantwoordelijkheden van de mede-overheden. Aan de hand van het Algemeen Projectplan geef ik u hieronder een overzicht van de actuele ontwikkelingen in het project C2000 sinds april van dit jaar.
Voortgangsrapportage
Projectorganisatie
In februari van dit jaar heb ik u geïnformeerd over de risicos en onzekerheden die uit een aantal contra-expertises naar voren zijn gekomen. Ter uitvoering van de aanbevelingen uit deze contra-expertises en ter verbetering en borging van de kwaliteit van de bedrijfsvoering is in de afgelopen periode een aantal maatregelen genomen:


* De planning en control functie binnen het Ambtelijk Projectbureau bij het ministerie van BZK is versterkt.

* ITO heeft haar projectorganisatie C2000 in de afgelopen maanden verder uitgebouwd en gestabiliseerd en is daarbij een strategische samenwerking aangegaan met het bedrijf Computer Sciences Corporation B.V. (CSC). In deze samenwerking is CSC mede resultaatverantwoordelijk voor de realisatie van het radionetwerk en de inrichting van het beheer. Sinds 1 september 1999 is deze samenwerking operationeel. CSC is een "Fortune 500" bedrijf met 50.000 medewerkers in 700 vestigingen wereldwijd en een omzet van $ 7,7 miljard. In Nederland heeft CSC 750 medewerkers in 7 vestigingen en een omzet van $ 104 miljoen.

* ITO heeft haar management versterkt met een Directeur C2000 die binnen de ITO-directie verantwoordelijk is voor de uitvoering van het C2000 project.

* ITO houdt in samenwerking met Stibbe Simont Monahan Duhot met regelmaat "legal reviews" van de onderhanden contracten.
* ITO stelt in samenwerking met Berenschot een op ISO 9001 gebaseerd kwaliteitsplan op.

* Deloitte & Touche voert een permanente integrale audit op tijd, geld en kwaliteit uit bij ITO.

Projectsturing
De taken, samenstelling en werkwijze van de verschillende stuur- en adviesgroepen binnen het project worden thans geformaliseerd door middel van instellingsbesluiten waarin de taken, samenstelling en werkwijze van de verschillende stuurgroepen aangegeven zijn. Deze (concept-) instellingsbesluiten zijn opgenomen in bijlage II van het Algemeen Projectplan.

De Stuurgroep Startregio heeft als taak het ten behoeve van de gebruikers in de Startregio geven van sturing aan de implementatie van het C2000 systeem in de Startregio. De Stuurgroep Startregio heeft ingestemd met het haar betreffende instellingsbesluit. De ondertekening van het besluit door de besturen in de Startregio is in oktober voorzien. De heer B. de Hon, burgemeester van Diemen, is voorzitter van de Stuurgroep Startregio.

De Landelijke Stuurgroep heeft als taak het ten behoeve van de landelijke gebruikers geven van sturing aan de landelijke implementatie van het C2000 systeem en het aan mij adviseren over de Go/No-go beslissing terzake. Het instellingsbesluit Landelijke Stuurgroep C2000 wordt in november voorgelegd aan deze Stuurgroep. Ter versterking van de betrokkenheid van de betrokken organisaties en besturen overweeg ik deze Stuurgroep een meer gekwalificeerd adviesrecht te geven in die zin dat ik alleen gemotiveerd van unanieme adviezen van de Stuurgroep kan afwijken. Voorzitter van de Landelijke Stuurgroep C2000 is één van de twee vertegenwoordigers van de korpsbeheerders in de Regieraad ICT Politie, de heer dr. J. Schrijen, korpsbeheerder Limburg-Noord.

Planning
De in het huidige Algemeen Projectplan vermelde totaalplanning is de planning zoals die werd overeengekomen tussen BZK en de Stuurgroep Startregio in het begin van dit jaar, nog vóór de gunning van het contract voor de bouw van het C2000 Radionetwerk aan TetraNed. Om de risicos en onzekerheden die uit de contra-expertises van eind vorig jaar naar voren zijn gekomen en die inherent zijn aan een project van deze omvang en complexiteit te reduceren, is een aantal maatregelen genomen zoals eerder onder het punt projectorganisatie genoemd. Mede naar aanleiding van deze maatregelen is er bij ITO en haar strategische partner een beter gefundeerd oordeel ontstaan ten aanzien van de planning van het proefproject in de Startregio. Zo blijkt een goede afstemming tussen het netwerk en de beheerorganisatie en het functioneel testen van het samenspel van deze twee componenten extra testinspanning te vergen. De ruimte daarvoor is in belangrijke mate gevonden door het parallel schakelen van het functioneel- en operationeel testen. Daarnaast hebben mij onlangs signalen bereikt dat bij TetraNed mogelijk enige vertraging in de bouw van het radionetwerk in de Startregio kan ontstaan. Hierover wordt momenteel aan TetraNed om opheldering gevraagd in het kader van de in het contract afgesproken procedure. Verder hebben de bedrijven die meedoen in de aanbesteding van het radiobediensysteem in verband met de complexiteit van de offerteaanvraag uitstel gevraagd voor het uitbrengen van offerte. Dit verzoek is bij mij in beraad. De gevolgen van deze en voornoemde ontwikkelingen voor de totaalplanning worden thans onderzocht. De resultaten van dit onderzoek verwacht ik voor het einde van dit jaar. Aan de hand van deze resultaten zal de totaalplanning eventueel worden herzien. ITO en haar strategische partner zullen de totaalplanning zodanig blijven inrichten dat op 1 augustus 2001 nog steeds een verantwoord besluit over het al dan niet verbreiden van het netwerk in de rest van Nederland kan worden genomen.

Financiën
Als uitgangspunt wordt nog steeds gehanteerd het bestaande projectbudget van f 1.071,0 mln. In de eerste suppletore begroting 1999 is, ingaande 1999, een meerjarige budgettaire herfasering aangemeld binnen dit totale projectbudget. Voor de periode 1 januari 1999 tot 1 augustus 2001 is voor de financiering ten last van de Rijksbegroting van het proefproject Startregio een bedrag in de meerjarenraming gereserveerd van f 247,5 mln. Voor het Rijksaandeel in het project C2000 staan thans voor de jaren 1999 tot en met 2001 de navolgende bedragen in de Rijksbegroting.

1999 2000 2001 t otaal
f 73,5 mln. f 130,3 mln. f 109,3 mln. f 313,1 mln.

Ten opzichte van het benodigde bedrag voor de Startregio bestaat er nog een budgettaire ruimte in de meerjarenraming van f 65,6 mln. Vanwege begrotingstechnische redenen is voor het jaar 2001 rekening gehouden met de financiële gevolgen van een GO-beslissing in augustus 2001. Alsdan zal aan de leverancier een aanbetaling moeten worden gedaan voor verdere uitlevering en installatie van het netwerk. Ook is dan budget nodig voor de continuering van de projectorganisatie en de verdere opbouw van de beheerorganisatie. Voorts wordt voortgegaan met het beschikbaar krijgen van opstelpunten voor een landelijke verbreiding van het netwerk. Met die activiteit kan niet worden gewacht tot augustus 2001, omdat er dan een onoverzienbare vertraging zou optreden. Tot op dit moment is hiervoor een bedrag van f 2,5 mln. beschikbaar gesteld. Voor het lopende begrotingsjaar worden geen verdere uitgaven verwacht die met de landelijke implementatie te maken hebben. Voor de financiering van het Rijksaandeel van het project na 2001 is in de Ontwerpbegroting 2000 ook voor de jaren 2002 tot en met 2004 budget gereserveerd voor een totaal bedrag van f 357,6 mln. Met de betrokken gebruikersorganisaties vindt regelmatig overleg plaats over de financiële gevolgen en de communicatie hierover. Het gaat daarbij zowel over de investeringskosten als over de exploitatiekosten. Voor de investeringskosten van bijvoorbeeld de randapparatuur is meer duidelijkheid verkregen door contacten met potentiële leveranciers. Aan de VNG is een prijsindicatie opgegeven voor de aan te schaffen randapparatuur.
Voor wat betreft de exploitatielasten is met vertegenwoordigers uit het veld een werkgroep tarifering opgericht die voorstellen voor een exploitatiemodel ontwikkelt. Medio 2000 zal ITO advies uitbrengen over de mogelijkheid om in meldkamers een zekere standaardisatie aan te brengen en over de operationele, beheersmatige en financiële voordelen daarvan.

Rapportage PricewaterhouseCoopers (PWC)
In mijn brief van 9 april 1999 is aangekondigd dat BZK onderzoekt welke mogelijkheden bestaan tot reductie van de investerings- en exploitatiekosten zoals die waren geschat door PWC. Vooralsnog wijst dit onderzoek uit dat mogelijkheden om de kosten meer in de tijd te spreiden (bijvoorbeeld door het aangaan van lease- of turn key contracten) geen probleemoplossend perspectief bieden. Wel kunnen de kosten van de projectorganisatie worden teruggedrongen door omwisseling van extern personeel naar intern personeel en het gebruik van contra-expertises zo veel als mogelijk te beperken. Door de krappe arbeidsmarktsituatie voor ICT-personeel ondervindt ITO echter problemen bij het werven en vasthouden van medewerkers. Er is sprake van een opwaartse prijsspiraal voor ICT-dienstverlening. Bij de Raad voor het openbaar bestuur(Rob) is een adviesaanvraag ingediend met betrekking tot bestuurlijke integratie van brandweer- geneeskundige en eventueel politieregios. Co-lokatie van meldkamers is bij dergelijke integratie eenvoudiger te realiseren. Het is dan mogelijk minder initieel te investeren in meldkamers; tevens zullen de decentrale personele beheerskosten van die meldkamers afnemen, alsmede de kosten verband houdend met het onderhoud van de in gebruik zijnde apparatuur. Dit onderzoek zal de komende tijd worden geïntensiveerd.

Internationale situatie

Duitsland
Ten behoeve van de politiediensten in de regio Aken is dit voorjaar een nieuw digitaal communicatiesysteem aanbesteed. Dit systeem zou tevens worden gebruikt in de drie landen proef in de regio Aken-Luik-Maastricht.
Na evaluatie van de ontvangen offertes werd geconcludeerd dat geen van de offertes aan de gestelde eisen voldeed. Besloten is om de aanbestedingsprocedure te stoppen. Het is de bedoeling om later dit jaar een nieuwe aanbesteding te starten. Ik ben met de minister van Binnenlandse Zaken van de deelstaat Nordrhein Westfalen in contact getreden om de consequenties hiervan voor de drie landen proef te bezien.

België
In België is vertraging opgetreden. De roll-out van het aan C2000 equivalente ASTRID-project is door een aantal technische problemen vertraagd met 6 maanden. Vooralsnog heeft deze vertraging geen consequenties voor de drie-landen proef en de inrichting van de grensoverschrijdende communicatie tussen Nederland en België.

Ontwikkelingen elders in Europa
In Italië is een contract gegund voor de bouw van een Tetra-netwerk in de regio Lazio. Ook in Portugal is nu in een tweetal regios een contract gegund voor de bouw van een Tetra netwerk. Daarnaast zijn Tetra netwerken nu operationeel in Lancashire en op het eiland Jersey (Verenigd Koninkrijk) en in Baskenland (Spanje). In vergelijking met C2000 gaat het hier om kleine netwerken. Behalve in de OOV-sector zal de Tetra standaard ook worden gebruikt in de commerciële sector. Daartoe worden op dit moment reeds netwerken gebouwd door commerciële telecom-bedrijven in Duitsland en Frankrijk. Tevens wordt Tetra door militaire organisaties voor toepassing in overweging genomen. Zo zal de NAVO in Den Haag testen gaan uitvoeren met Tetra.

DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES,

G.M. de Vries

Deel: ' Voortgangsrapportage C2000 '




Lees ook