CDA

: Tweede Kamer : Nota 'De derde eeuw spoor' (020799)

Nota 'De derde eeuw spoor' (020799)

Den Haag, 2 juli 1999

Prestatiecontract (blz. 30-31)


1.Sluit de minister een prestatiecontract met de NS als er nog geen duidelijkheid is over de exploitatie van het vervoer op de HSL?


2.Sluit de minister een prestatiecontract af met de NS als dat bedrijf niet het vervoer op de HSL gaat verzorgen? Wat is de mening van de NS hierover?


3.Beschouwt de minister de reizigersgroei in de spits en de hogere punctualiteit als de basis-output-eisen van het prestatiecontract?


4.Hoe denkt de minister voldoende capaciteit op het spoor vrij te maken om de te verwachten groei van het aantal reizigers mogelijk te maken? Hoe verhoudt zich dat tot de spanning tussen capaciteit voor het reizigers- en het goederenvervoer? Wanneer komt de minister met een notitie aan de Kamer over deze problematiek?


5.Hoe ziet het besluitvormingstraject eruit nadat er een onderzoek heeft plaatsgevonden naar de verdeling van de capaciteit voor reizigers en goederenvervoer? Hoe wordt de Kamer hierbij betrokken?


6.Deelt de minister de mening dat pas overgegaan kan worden tot het opstellen van een prestatiecontract met NS-Reizigers als er duidelijkheid is over de omvang van de capaciteit voor het reizigersvervoer?


7.Wanneer worden BB21 en 25kV ingevoerd op het kernnet? Denkt de minister aan een gefaseerde invoering? Welke corridors zijn - na de beide hogesnelheidslijnen - als eerste aan de beurt?


8.Sluit de minister private deelname aan de investeringen in BB21 en 25kV uit?


9.Als het prestatiecontract niet op 1-1-2000 in kan gaan, hoe wil de minister dan de overgangsperiode regelen? Hoe denkt de minister over de mogelijkheid van een verlengd overgangscontract?

10.Is de minister het eens met de stelling dat een bonus-malussysteem tussen overheid en NS Reizigers het bedrijf maximaal stimuleert tot betere prestaties? Hoe denkt de minister zon bonus malus systeem in te vullen?

11.Hoe denkt de minister over een sliding concession waarin de outputcriteria en de andere afspraken tussen overheid en NS-Reizigers elk jaar aan de dan geldende omstandigheden worden aangepast?

12.Kan de minister aangeven hoe de overheid - als beheerder en eigenaar van de infrastructuur - de eigen verantwoordelijkheid voor de punctualiteit invult?

13.Wat is er van die verantwoordelijkheid terug te vinden in het prestatiecontract?

14.Hoe denkt de minister over invoering van een bonus malus systeem tussen vervoerders en infrabeheerder, waarin de beschikbaarheid en de betrouwbaarheid van de infrastructuur periodiek wordtafgerekend? Hoe denkt de minister over de invoering van een infra prestatiecontract tussen vervoerders en de infrabeheerder, waarin zon bonus malus systeem past?

15.Hoe staat het met de uitvoering van de motie-Van Gijzel (26 200 XII, nr. 13) over een verbeteringsprogramma ten behoeve van de punctualiteit?

Regionaal/stadsgewestelijk spoorvervoer (blz. 32-37)

16.Waarom mag de NS alleen meedoen met een aanbesteding van een regionale netwerk als het bedrijf een minderheidspositie inneemt? In welke andere landen geldt een dergelijke eis?

17.Hoe denkt de minister de overgang van personeel en materieel te regelen bij nieuwe aanbestedingen van regionale netwerken? Deelt de minister de mening dat hiervoor eerst een adequate oplossing dient te worden gevonden, voordat wordt overgegaan tot nieuwe aanbestedingen?

HSL-vervoer (blz. 38-41)

18.Biedt de EU-regelgeving ruimte om af te zien van een tender voor het vervoer op de HSL-Zuid?

19.Hoe kijkt de minister aan tegen de praktijk in de ons omringende landen dat zij afzien van een tender voor het vervoer op de HSL?

20.In welke andere landen dwingt de overheid het spoorbedrijf tot een minderheidsdeelname in het internationale vervoer op de HSL?

21.Waarom is de minister er zo zeker van dat de NS een eventuele tender voor het vervoer op de HSL zal winnen?

22.Hoe denkt de minister de reciprociteit eerlijk te regelen?

23.Waarom denkt de minister dat bedrijven uit landen waar het staatsbedrijf geen buitenlandse bedrijven toelaat geen kans maken op de exploitatie van de HSL? (ao van 15 juni 1999)? Hoe denkt de minister deelname van dergelijke bedrijven (zoals het Franse CGEA) tegen te houden?

24.Beseft de minister dat staatsbedrijven in bijvoorbeeld Frankrijk zelf zeggen dat zij andere vervoerders zullen toelaten, maar die toelating in de praktijk zullen blokkeren, om dat de overheid dat niet wil?

Taakorganisaties (blz. 67-71)

25.Houdt de minister vast aan uitplaatsing van de taakorganisaties per 1-1-2000?

26.Deelt de minister de mening dat aan de hybride positie (zie ook rapport Rekenkamer Toezicht op het spoor) van de taaksector zo snel mogelijk een einde moet worden gemaakt?

27.Hoe wil de minister de onafhankelijkheid van Railned concreet regelen? (zie Rekenkamerrapport)

28.Hoe houdt de overheid de regie over het landelijke spoorinfra-beheer als de HSL een andere infrabeheerder krijgt dan de rest van het spoorwegnet?

29.Wat verstaat de minister onder pro-actief capaciteitsmanagement door Railned? (p. 70)

30.Wat zijn volgens de minister de kerntaken van de vervoerders in relatie tot het pro-actief capaciteitsmanagement door Railned?

31.Is de minister van mening dat het maken van de eigen dienstregeling de kern van de ondernemersvrijheid van de vervoerders is? Waarom geeft de minister Railned invloed op de treinenloop op de knooppunten? Is het niet zo dat hiermee de overheid in feite een deel van de dienstregeling maakt? Grijpt overheidsregulering hiermee in op de ondernemersvrijheid? Kan de minister een analyse geven van de knooppuntsturing als verantwoordelijkheid van de vervoerders?

Gebruiksvergoeding(blz. 76-78)

32.Wat heeft de minister geleerd van ervaringen in andere landen met de spoor-infraheffing?

33.In Zweden is de infraheffing inmiddels weer naar beneden bijgesteld. Hoe kijkt de minister tegen die stap aan?

34.Is het juist dat de EU regelgeving de ruimte biedt om de infraheffing op nul te laten staan?

35.Wat is het standpunt van de minister over de subsidieregeling in Duitsland en Denemarken waarmee reizigers-vervoerders worden gecompenseerd voor de infraheffing?

36.Denkt de minister aan een stimuleringsregeling voor het reizigersvervoer analoog aan die voor het goederenvervoer?

37.Vindt de minister het van belang dat de onderwerpen infraheffing, prestatiecontract en de rol van NS in het vervoer op de HSL in samenhang worden behandeld? Zoja, waarom heeft de ministerraad dan al een besluit genomen over alle details van de infraheffing, inclusief de hoogte?

38.De Spoorwegwet regelt dat de infraheffing komt vast te liggen in een AMvB met voorhangprocedure. Wil de minister de Kamer actief op de hoogte houden van de voortgang van de AMvB, opdat de Kamer zich op tijd over de AMvB kan uitspreken?

39.Hoe denkt de minister de Tweede Kamer de komende jaren te betrekken bij de besluitvorming over vorm en de vaststelling van de hoogte van de infraheffing?
Is de minister van mening dat een systeem van infraheffing in zijn berekening en uitvoering zo simpel mogelijk moet zijn?

40.Kan de minister aangeven met hoeveel procent de tarieven stijgen als de infraheffing voor NS Reizigers bijvoorbeeld 100 miljoen gulden per jaar bedraagt?

41.Als een vervoerder de tarieven verhoogt als gevolg van de infraheffing, is de minister dan bereid de infraheffing te verlagen?

42.Waarom verwacht de minister dat de NS een infraheffing compenseert met efficiencymaatregelen? Hoeveel brengen die maatregelen dan op? Deelt de minister de mening dat het bedrijf die efficiencywinst bij voorkeur dient te investeren in betere service aan de reizigers?

43.Hoe kijkt de minister aan tegen de mogelijkheid om de hoogte van de infraheffing afhankelijk te stellen van de prestaties van de vervoerders?

44.Kan de minister aangeven hoe de opbrengsten van de infraheffing worden gebruikt ten bate van de vervoerders (en dus van de reizigers)?

45.Als rekeningrijden niet of maar deels doorgaat, is de minister dan bereid de infraheffing op het spoor ook te schrappen of te verlagen?

46.Is de minister het eens met de stelling dat de infraheffing voor de vervoerders geen open einde regeling mag zijn?

Woordvoerder: Jacob Reitsma

Deel: ' Vragen CDA over prestatiecontract met NS '




Lees ook