Tweede Kamer der Staten Generaal

vragen28.001 vragenformulier 28 januari 2000

Gemaakt: 28-1-2000 tijd: 15:32


12


2990005962

Vragen van het lid Karimi (GroenLinks) aan de minister van Buitenlandse Zaken over de reactie van de Nederlandse regeringsdeelname van de FPÖ in Oostenrijk. (Ingezonden 27 januari
2000)


2990005970

Vragen van het lid Wijn (CDA) aan de staatssecretaris van Justitie over het vrij rondlopen van een Somalische vreemdeling die een gevaar kan opleveren voor de openbare orde of de volksgezondheid. (Ingezonden
28 januari 2000)


1

Herinnert u zich uw antwoorden op de schriftelijke vragen van ondergetekende van 25 november 1999 inzake bovenvermeld onderwerp? 1)


2

Wilt u alsnog antwoord geven op de vraag of u het acceptabel acht dat een vreemdeling die de aanzegging heeft gekregen Nederland te verlaten, die besmet is met het aidsvirus en met hepattis-B, die veroordeeld is wegens verkrachting en wegens diefstal met geweld en vrijheidsberovig en die daarboven psychotisch is, vrij kan blijven rondlopen?


3

Acht u het verantwoord dat, juist in dit bijzondere geval van potentieel gevaar voor de openbare orde en de volksgezondheid, niet intensiever is gezocht naar mogelijkheden om betrokkene langer in detentie of opvang te houden, dan wel te verwijderen naar Somalië, temeer daar u stelt dat verwijdering naar Somalië wel mogelijk is?


4

Kunt u gemotiveerd aangeven of het onderhavige geval voldoet aan de voorwaarden die de Rechtseenheidskamer op 21 augustus 1997 heeft geformuleerd voor situaties waarin vreemdelingenbewaring langer mag duren dan zes maanden?


5

Kunt u gemotiveerd aangeven of op het onderhavige geval van toepassing is de passage op blz. 12 van de notitie Vreemdelingenbewaring 2), waarin u stelt: «De noodzaak echter, om de vreemdelingenbewaring onder bepaalde omstandigheden langer dan zes maanden te laten voortduren blijft bestaan»? Aan welke omstandigheden moet worden gedacht?


6

Wilt u alsnog antwoord geven op de vraag of er andere en voldoende opvangvoorzieningen zijn waarin dergelijke vreemdelingen kunnen worden geplaatst?


7

Als u stelt dat onvrijwillige opneming eindigt, wanneer de betrokken vreemdeling door geregeld medicijngebruik niet langer een gevaar vormt voor zichzelf en/of de omgeving, hoe reëel acht u het dan dat in dit specifieke geval, waarbij bovendien sprake is van iemand zonder vaste woon- of verblijfplaats, geregeld medicijngebruik is gegarandeerd?


8

Is het waar dat de desbetreffende vreemdeling destijds zelf te kennen heeft gegeven te willen worden opgenomen?


9

Acht u de risico's die in het onderhavige geval zijn verbonden aan niet-regelmatig medicijnverbruik acceptabel?


10

Waarom is de motie 3) waarin wordt gevraagd «te bewerkstelligen dat criminele illegalen na hun aanhouding worden vervolgd en bestraft, waarna zij ongewenst dienen te worden verklaard en in het verlengde daarvan vastgehouden totdat verwijdering uit ons land kan plaats hebben» nog in beraad? Hoe lang zal dit beraad nog duren? Wanneer zal de Kamer het standpunt van de regering over deze motie vernemen?


11

Bent u bereid actief te onderzoeken of de desbetreffende vreemdeling zich nog in Nederland bevindt en zo ja, tot zijn aanhouding over te gaan?

Aanhangsel Handelingen nr. 595, Vergaderjaar 1999-2000

Kamerstuk 26 338, nr. 1

Kamerstuk 19 637, nr. 464


2990005980

Vragen van het lid Augusteijn-Esser (D66) aan de staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij over de bestrijding van de Iepziekte. (Ingezonden 28 januari 2000)


1

Klopt het zoals De Bomenstichting stelt dat nog geen enkele provincie een beleid gericht op de iepziektebestrijding heeft? Wat waren de afspraken hierover? 1)


2

Hoe kan een gemiddelde gemeente, die te klein is om binnen zijn eigen gebiedsgrenzen een bufferzone tegen de voor de Iep dodelijke schimmel te creëren, zijn bestand effectief beschermen?


3

Heeft u de gevolgen van het overdragen van beleidsverantwoordelijkheid getoetst, en, zo ja, wat is uw oordeel hierover? 2)


4

Erkent u, gezien uw antwoord op vraag 2, dat gevreesd moet worden dat er over tien jaar geen iep meer over is? Bent u bereid in overleg te treden met lagere overheden en met de Bomenstichting om te bezien hoe dit voorkomen kan worden?

In antwoord op mijn vragen van 29 november 1999 concludeert u dat gemeenten over een voldoende wettelijk instrument beschikken om de iepziekte te bestrijden? Zo zijn per provincie coördinatoren voor de bestrijding van de iepziekte aangewezen, zie Aanhangsel Handelingen, nr. 76, Vergaderjaar 1999-2000.

De Bomenstichting stelt dat sinds het beleid is overgedragen aan provincies en gemeenten, de kosten van iepziektbestrijding jaar op jaar hoger worden.


2990005990

Vragen van het lid Kalsbeek (PvdA) aan de minister van Justitie over het zoekraken van het dossier betreffende een dodelijk verkeersongeval. (Ingezonden 28 januari 2000)


1

Heeft u een brief ontvangen van de heer Van Gerven te Warmond gedateerd 26 november 1999 over het zoekraken van het dossier betreffende een dodelijk verkeersongeval?


2

Hoe is het te verklaren dat dit dossier kennelijk zowel fysiek zoek is geraakt als dat het geautomatiseerde rappelsysteem «op dit dossier» niet heeft gefunctioneerd?


3

Is inmiddels alles op alle gezet om het dossier alsnog boven tafel te krijgen?


4

Welke maatregelen zijn genomen om iets dergelijks in de toekomst te voorkomen?


2990006000

Vragen van het lid Halsema (GroenLinks) aan de staatssecretaris van Justitie en de minister van Buitenlandse Zaken over een reisadvies ten aanzien van Sri Lanka. (Ingezonden 28 januari 2000)


1

Is de veiligheidssituatie in Colombo verslechterd zoals het ministerie van Buitenlandse Zaken op 12 januari 2000 heeft gesteld in een reisadvies ten aanzien van Sri Lanka? Is deze verslechtering, mede veroorzaakt door de recente bomaanslagen, aanleiding voor een actualisering van het ambtsbericht van 30 september 1999?


2

Bent u bereid met de Urgent Action nr. 11/00 dd 18 januari van Amnesty International over de verdwijning van een Tamil, die zou zijn gearresteerd door het leger? Bent u eveneens bekend met de verdwijning op 28 december 1999 van Mr. Sinnathamby Nadarajah, een bekende Tamil-advocaat, bekend gemaakt door het Anti Harassment Committee in Colombo? Wat is uw reactie op deze verdwijningen?


3

Wat zijn de gevolgen van de Srilankaanse Immigrants and Emigrants Act voor terugkerende Tamils die eerder illegaal zijn uitgereisd? Op welke bronnen baseert u informatie hierover? Wat vindt u van de stelling van Amnesty International in haar rapport van juni 1999 dat zelfs een korte periode van identiteitsonderzoek voor Tamils een groot risico op onmenselijke behandeling betekent?


4

Is de staatssecretaris bekend met de zitting die op 17 januari 2000 heeft plaatsgevonden bij de meervoudige kamer van de arrondissementsrechtbank te Den Haag in de zaak Mauel? Is hij bereid om, nu in deze zaak beoordeeld zal worden of Tamils bij terugkeer in Colombo gevaar lopen voor schending van artikel 3 EVRIM, alle uitzettingen van Tamils op te schorten totdat de rechtbank uitspraak heeft gedaan? Zo neen, waarom niet?


5

Bent u bereid deze vragen te beantwoorden vóór 9 februari?


2990006010

Vragen van de leden Hofstra en Passtoors (beiden VVD) aan de minister van Verkeer en Waterstaat en de staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij over het voortbestaan van Flevo Ferries. (Ingezonden 28 januari 2000)


1

Dreigt het voortbestaan van de Flevo Ferries gevaar te lopen omdat er bij het afgeven van de vergunning geen rekening is gehouden met de Europese vogelrichtlijn? 1)


2

Zo ja, kunt u aangeven wat de consequenties zijn van het niet naleven van de richtlijn?


3

Zo neen, op welke wijze is er dan wel rekening mee gehouden, en wat is er concreet gedaan bij de voorbereiding?


4

Bent u van plan maatregelen te treffen voor het in de vaart houden van de Flevo Ferries? Zo ja, welke maatregelen? Zo neen, waarom niet?


5

Op welke termijn kan de minister volledige duidelijkheid geven?


6

Heeft de Europese vogelrichtlijn ook consequenties voor andere vormen van (openbaar) vervoer te water? Zo ja, waar doen deze problemen zich voor of waar zijn deze problemen nog te verwachten?

De Telegraaf, 20 januari jl., «Flevo Ferries in gevaar door watervogels».


2990006020

Vragen van de leden Rietkerk en Wijn (beiden CDA) aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de aangiftebereidheid onder gedupeerde winkeliers (Ingezonden 28 januari 2000)


1

Heeft u kennis genomen van het bericht `Beroofde winkeliers durven geen aangifte te doen'? 1)


2

Is het u bekend dat veel winkeliers geen aangifte doen van criminaliteit? Wat is hiervan volgens u de oorzaak?


3

Deelt u de constatering van de Raad voor de Nederlandse Detailhandel dat de overlast in de vorm van intimidatie van personeel, overvallen en diefstal in veel winkelgebieden fors toeneemt? Zo ja, welke maatregelen onderneemt u of gaat u ondernemen om deze toename te kenteren?


4

Is het waar dat de gemiddelde aanrijdtijd na een melding soms wel anderhalf uur bedraagt? Zo ja, vormt het vacatureprobleem bij de politie de oorzaak? Welke andere oorzaken ziet u voor deze lange tijdsspanne? Welke oplossingen ziet u om de aanrijdtijd te bekorten?


5

Als veel winkeliers de hen overkomen criminaliteit niet aangeven, hoe kan dan een goed inzicht worden verkregen in de ontwikkeling van de criminaliteitcijfers in ons land en de beoordeling van `Een veiliger Nederland'?

Trouw 26 januari 2000


2990006030

Vragen van de leden Bussemaker (PvdA),Weekers (VVD), Schimmel (D66), Van Gent (GroenLinks) en Visser-van Doorn (CDA) aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, mevrouw Verstand-Bogaerts, over de Meerjarennota Emancipatiebeleid (Ingezonden
28 januari 2000)


1

Wat is uw reactie op het bericht in Opzij als zou de vertraging van de Meerjarennota Emancipatiebeleid zijn ontstaan op uw Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en niet, zoals u eerder liet weten, door afstemmingsproblemen met andere departementen? 1)


2

Hoe is het overleg met andere departementen tot nu toe verlopen? Hebben zij zich thans gecommitteerd aan de nota?


3

Op welke versie van de nota zijn deze artikelen in een recent nummer van Op Gelijke Voet waarin al uitgebreid wordt ingegaan op de meerjarennota? 2)


4

Zal de Meerjarennota, conform de motie Örgü c.s. 3) met inbegrip van een kabinetsstandpunt in het eerste kwartaal 2000 verschijnen?


5

Is er over de inhoud van de nota overleg geweest met vrouwenorganisaties, i.h.b. de Vrouwenalliantie en met sociale partners? Is er in het algemeen sprake van een regelmatig overleg tussen vrouwenorganisaties en de staatssecretaris?

Opzij van januari 2000, p. 85: `Emancipatienota Verstand vertraagd door `prutswerk' ambtenaren'.

Op Gelijke voet nummer 4/5 1999.

Kamerstuk 26800-XV, nr. 47.


2990006040

Vragen van het lid Nicolaï (VVD) aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Justitie over zedelijkheidseisen voor beheerders en bedrijfsleiders van coffeeshops (Ingezonden 28 januari
2000)


1

Welke mogelijkheden bezit een burgemeester om coffeeshops te sluiten op grond van het crimineel verleden van beheerders en bedrijfsleiders van coffeeshops? 1) Kan naast het stellen van de eis van een verklaring omtrent het gedrag, ook de eis van een verklaring van `onbesproken gedrag' worden gesteld waar het gaat om beheerders en bedrijfsleiders van coffeeshops?


2

Welke eisen omtrent kwaliteiten en achtergronden, afgezien van de AHOJG-criteria, kunnen krachtens lokale droge horecaverordeningen worden gesteld aan beheerders en bedrijfsleiders van coffeeshops?


3

Zijn Drank- en horecawetverordeningen en het Besluit eisen zedelijk gedrag onverkort analoog toepasbaar bij lokale droge horecaverordeningen? Zo neen, welke bepalingen hieruit zijn niet analoog toepasbaar en wat staat hieraan in de weg?


4

Is bij de algehele herziening van de Drank- en horecawet de mogelijkheid om analoog aan Drank- en horecawetverordeningen en het Besluit eisen zedelijk gedrag, zedelijkheidseisen te stellen aan beheerders en bedrijfsleiders van coffeeshops vergroot? Zo neen, hoe verhoudt dit zich tot de aankondiging met zoveel woorden in de drugsnota van 15 september 1995? 2)


5

Tussen welke uitersten bewegen de eisen omtrent kwaliteiten en achtergronden van beheerders en bedrijfsleiders van coffeeshops zoals die lokaal worden gesteld?


6

Welke maatregelen overweegt u om de mogelijkheid tot het stellen van zedelijkheidseisen bij coffeeshops te vergroten? Is een kaderwet zedelijkheidseisen gewenst?

Tubantia, donderdag 13 januari jl.

Kamerstuk 24 077, nrs. 2 en 3


2990006052

Mondelinge vragen van het lid Schimmel(D66) aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, dhr. Hoogervorst, over de nevenfunctie van de voorzitter van het College van Toezicht Sociale Verzekeringen (Ingezonden 28 januari 2000)

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

Deel: ' Vragen GroenLinks aan minister BUZA over FPO in Oostenrijk '




Lees ook