Partij van de Arbeid



Den Haag, 6 maart 2000

VRAGEN VAN DE LEDEN KOENDERS EN VAN OVEN (BEIDEN PVDA) AAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

1. Op welke wijze wordt tussen de Surinaamse en Nederlandse autoriteiten samengewerkt bij het onderzoek naar de herkomst van cocaïne in diplomatieke postzakken?

2. Wordt met de Surinaamse regering een afspraak gemaakt zodanig dat diplomatieke post vanuit Suriname controleerbaar is in elk geval tot er een uitsluitsel is over het onderzoek?

3. Welke verklaring heeft de Surinaamse ambassadeur afgelegd met betrekking tot de vondst van de postzakken?

4. Aan welke maatregelen denkt de Nederlandse regering bij het uitblijven van een sluitende verklaring?

5. Wordt de Tweede Kamer in kennis gesteld van de uitslag van het onderzoek naar deze ernstige vorm van cocaïnesmokkel?

6. Op welke wijze denkt de regering toekomstig misbruik te voorkomen?

Deel: ' Vragen PvdA aan Van Aartsen over cocainesmokkel Suriname '




Lees ook