VVD

VVD presenteert tien-puntenplan landelijk gebied

Op een verkiezingsavond in Elst op woensdag 24 februari presenteerde de VVD een tien-puntenplan voor het landelijk gebied. Het plan, met de titel ´Energiek beleid voor het landelijk gebied´, gaat in op het beleid voor het landelijk gebied voor de 21e eeuw.

Het plan werd gepresenteerd door fractievoorzitter Hans Dijkstal en fractielid Jan Geluk.

Tien puntenplan: Energiek beleid voor het landelijk gebied

Gezien de hoge bevolkingsdichtheid van het landelijk gebied kunnen wij niet meer spreken van het platteland en zal voortaan de term landelijk gebied worden gebruikt.

Het beleid voor het landelijk gebied voor de 21e eeuw zal door de ontwikkeling naar "plattelandvernieuwing", beter gezegd, vernieuwing in het landelijk gebied, toe groeien.

Deze vernieuwing is dan ook het proces van integratie en diversificatie van de vele functies in het landelijk gebied, waarbij het nut van de gehele ruimte wordt geoptimaliseerd.

Ontwikkeling van het landelijk gebied kenmerkt zich door trendmatige ontwikkelingen binnen bestaand functiegebruik op het landelijk gebied. Het is vernieuwing door groei, intensivering of extensivering van diverse bestaande gebruiksfuncties.

Te constateren trends:

1. Afnemende agrarische bevolking bij gelijkblijvende economische inbreng.

2. Liberalisering van de markt neemt toe, door Agenda 2000 zal dit worden versneld.

3. Splitsing tussen grote (vaak economisch sterkere) en kleine (vaak economisch zwakkere) agrarische bedrijven.

4. Vrijkomende agrarische bebouwing.

5. Verstening van het landelijk gebied

6. De toenemende verstedelijking zet het landelijk gebied onder druk..

7. Toename betrokkenheid samenleving voor de natuur.
8. Toenemende vraag naar gezond en veilig voedsel
9. Beleidsintensivering en investeringen in "groene infrastructuur" (EHS U2013 reconstructie etc).

10. Per regio worden diverse en verschillende mogelijkheden voor beleid in het landelijk gebied ingezet.

Ca 60% van landelijk gebied is in productie en beheer van land- en tuinbouw. In het landelijk gebied wonen 2,6 miljoen mensen in niet stedelijke gebieden. Nederland is na Malta het dichtst bevolkte land ter wereld. Er wonen 457 mensen per km2. In Frankrijk is dat 107 inwoners, in Duitsland 229 en in de Verenigde Staten 29.

Dit stelt grote eisen aan de inrichting van ons land.

Op het landelijk gebied gaat het om:

* Economische activiteiten (landbouw, aanverwante industrie, toerisme en andere).

* Natuur (flora en fauna), rust en ruimte.
* Woon- en leefomgeving.

J.M. Geluk (februari 1999)

Tien puntenplan:
Energiek beleid voor het landelijk gebied

1. De VVD wil energiek en samenhangend beleid om het landelijk gebied vitaal te houden. Hiermee wordt de economische potentie van land en tuinbouw, kleine industrie en middenstand, groenvoorziening, natuur en recreatiemogelijkheden volledig benut en een prettig woon en werkklimaat gerealiseerd met voldoende voorzieningen.
2. Bevorderd moet worden dat de agrarische sector inspeelt op maatschappelijke veranderingen en wensen. Hierbij moeten nieuwe producten, productie methoden, biologische landbouw, nieuwe vormen van natuur- en landschapsbeheer, nieuwe vormen van recreatie en toerisme, alsmede om het in deeltijd bedrijven van agrarische activiteiten een grotere rol gaan spelen.

3. Een doelmatiger gebruik van de ruimte kan worden bevorderd door het realiseren van combinaties van gebruiksfunctie (landbouw/natuur, waterwinning/natuur, natuur/recreatie, natuur/wonen). Verbetering van de afzet, ontwikkeling van streekeigen producten en ketenverdieping moeten worden gestimuleerd. Benutten van natuur als economische drager moet worden bevorderd.

4. Planologische knelpunten en te ver doorgevoerde wetgeving (juridisering) moeten worden opgelost. Hiervoor is betere afstemming van beleid op gebied van milieu, natuur en ruimtelijke ordening noodzakelijk waarbij ook het probleem van de vrijkomende agrarische bebouwing moet worden betrokken. De VVD wil via een gebiedsgericht beleid bereiken dat er geen planologische schaduwwerking op kan treden bij het probleem van de vrijkomende agrarische bebouwing en bij de natuur ontwikkeling.
5. Voldoende vestigingsmogelijkheden voor ontwikkeling van glastuinbouw moeten zo snel mogelijk worden gevonden. Hiermee is het milieu gediend door gebruik te maken van restwarmte en CO2 benutting.

6. De Rijksoverheid moet particulier natuur- en landschapsbeheer, mede uit te voeren door de agrarische sector, bevorderen door meer middelen via verschuiving uit het aankoopbudget, vrij te maken.
7. De diverse herstructureringen in de land- en tuinbouw moeten worden voortgezet, bij voorkeur vanuit de sectoren zelf, in het belang van de Nederlandse economie, behoud van werkgelegenheid in het landelijk gebied, het milieu en het dierenwelzijn. Hiermee wordt tevens de dynamiek en vernieuwing ondersteund, met name voor de blijvers.

8. De overheid moet terughoudend zijn bij aankoop van grond in het landelijk gebied om daarmee prijsopdrijving zoveel mogelijk te voorkomen. Zoveel mogelijk moet voorkomen worden dat hoogproductieve landbouwgrond, noodzakelijk voor de voedselvoorziening wordt onttrokken aan de landbouw.
9. Beleid in het landelijk gebied moet worden gefinancierd uit de gelden die beschikbaar zijn via de ICES, EHS- Reconstructiewet- Landinrichting- en Natuurontwikkelingsplannen. Deze gelden dienen integraal, multifunctioneel (stapelbaar) inzetbaar zijn. Daarnaast kunnen waar mogelijk andere bronnen dienen zoals Europese fondsen aangevuld met Nederlandse gelden.

10. De VVD is van mening dat de Provincies en Gemeenten sterk betrokken moeten worden bij de uitvoering van het beleid op het landelijk gebied door een sterk gebiedsgericht beleid.

Deel: ' VVD presenteert tien-puntenplan landelijk gebied '




Lees ook