Katholieke Universiteit Brabant

zie ook:

promoties

Onderzoek Wetenschapswinkel KUB: Inspraak van uitkeringsgerechtigden

Inspraak is op allerlei terreinen van het maatschappelijke leven wettelijk geregeld en wordt vaak gezien als een vanzelfsprekendheid. Zo vanzelfsprekend als deze inspraak is voor velen, bijvoorbeeld bij werknemers en werkgevers in de vorm van ondernemingsraden, voor mensen met een uitkering is inspraak niet zo gewoon. Vele actoren in het veld van uitkeringsgerechtigden hebben getracht deze inspraak vorm te geven. Uit het oogpunt van collectieve belangenbehartiging en anticiperend op een ophanden zijnde wet ten aanzien van clintenparticipatie heeft de vereniging Brabantse Uitkeringsgerechtigden Samen (BUS) een eigen participatievorm voor uitkeringsgerechtigden in de sociale zekerheid ontwikkeld, het zogenaamde SIRU-model (Samenwerken In Raad van
Uitkeringsgerechtigden). In het onderzoek 'Inspraak in overleg' wordt deze vorm van participatie van uitkeringsgerechtigden in de praktijk bekeken. Deze pilot-studie is uitgevoerd door Nathalie Brocken onder begeleiding van dr. R.S. Batenburg van de vakgroep Beleid en Organisatie Wetenschappen van de KUB.

Het doel van het onderzoek bestaat uit in twee delen. Het eerste deel omvat het ontwikkelen van een meetinstrument, waarmee de evaluatie van de pilot van het SIRU-model uitgevoerd kan worden. Het tweede deel van de doelstelling van het onderzoek omvat het daadwerkelijk evalueren van de pilot van het SIRU-model, die van start ging op 1 april 1998 en op 1 april 1999 afliep. In de literatuur zijn diverse modellen van cliëntenparticipatie bekeken. Het model van Foolen, Raspe en De Gier is uiteindelijk gebruikt bij de ontwikkeling van een meetinstrument voor participatie van uitkeringsgerechtigden. Met name de (rand)voorwaarden voor succesvolle participatie en de intensiteit van participatie boden aanknopingspunten voor het ontwikkelen van een meetinstrument.

De evaluatie van het SIRU-model in dit onderzoek had betrekking op de participatie van raden van uitkeringsgerechtigden bij uitvoeringsinstellingen zoals het ABP/USZO en het GAK. Uit de evaluatie bleek dat de Raden van Uitkeringsgerechtigden zich unaniem niet serieus genomen voelen door de uitvoeringsinstellingen. Verder kan gesteld worden dat het SIRU-overleg gepaard is gegaan met grote communicatieve onduidelijkheden over en weer. De reikwijdte van de participatie heeft zich met name gericht op de uitvoering van het beleid van de uitvoerings- instelling. Dit was echter niet de doelstelling van de pilot en het SIRU-model, aangezien invloed op zowel ontwikkeling van beleid als uitvoering van beleid de inzet was. Bovendien was niet duidelijk in welk stadium de participatie zich bevond: de ene participant dacht dat het ging om het opzetten van een Raad die moest gaan participeren, de ander dacht dat men al in de fase van daadwerkelijke participatie zat. Hoewel beide onderhandelingspartners aangeven dat hun doelstellingen niet zijn bereikt wordt het SIRU-overleg wel als zinvol ervaren: er is een start gemaakt met de opzet van een vorm van cliëntenparticipatie.

De onderzoekster geeft een groot aantal aanbevelingen om de zaak te verbeteren. Zoals de aanbeveling dat beide partijen, zowel de Raad als de uitvoeringsinstelling, de eigen doelstellingen voor aanvang van het project op papier zetten. Daarbij moet worden getracht vage en abstracte begrippen zo veel mogelijk te vermijden. Er dient een duidelijk kader vastgesteld te worden waarbinnen wordt overlegd. Wanneer de leden van de Raad van uitkeringsgerechtigden bekend zijn is het aan te bevelen deze personen gezamelijk een scholing aan te bieden. Een belangrijke voorwaarde om cliëntenparticipatie tot een succes te brengen is een positieve attitude en draagvlak aan beide zijden; er is een wederzijds vertrouwen nodig. Gesteld kan worden dat de intentie belangrijker is dan de vorm. Immers "It takes two to tango". Tot slot verdient het aanbeveling om te overwegen cliëntenparticipatie ook bij de toekomstige Centra voor Werk en Inkomen onder te brengen.

De resultaten van het onderzoek worden gepresenteerd door de onderzoekster Nathalie Brocken op vrijdag 10 september van 10.00 -
12.00 uur in Villa de Vier Jaargetijden, Noordstraat 26, in Tilburg. Onder leiding van Mr. Wilbert Willems zullen de uitvoeringsinstellingen, die aan de pilot hebben deelgenomen, en de BUS hun reacties geven op het onderzoek. Tot slot van de bijeenkomst zal er een forumdiscussie plaatsvinden met deskundigen uit het werkveld.

Persvertegenwoordigers kunnen tijdens de bijeenkomst een exemplaar van het onderzoek in ontvangst nemen.

Voor nadere inlichtingen: Wetenschapswinkel tel. 013-4662819/2645.. Informatie over de bijeenkomst is verkrijgbaar bij Hetty Lootsma, BUS, 013-4609060

09-07-1999 KUB

Deel: ' Wetenschapswinkel KUB Inspraak van uitkeringsgerechtigden '




Lees ook