expostbus51


WERELD NATUUR FONDS

WNF: KLIMAATPROBLEEM IN EIGEN LAND OPLOSSEN


- conclusie WNF op basis van nieuwe rapportage ECN -

West-Europese landen, waar de uitstoot van broeikasgassen per hoofd van de bevolking hoog is, moeten vooral in eigen land werken aan het terugdringen van de broeikasgassen. Dat concludeert het Wereld Natuur Fonds (WNF) op basis van de ECN-rapportage 'CO-2 reductie in binnen- of buitenland'. Nederland kan - evenmin als de overige rijke landen - het toch niet verkopen aan ontwikkelingslanden dat zij het klimaatprobleem serieus neemt, terwijl in eigen land de CO-2 uitstoot blijft stijgen en ze de oplossing van het klimaatprobleem voor de helft afkoopt met maatregelen in het buitenland, zo is het WNF van mening.

Het ECN-rapport, dat in opdracht van het Wereld Natuur Fonds is gemaakt, conclu deert dat voor een zorgvuldige afweging van de gewenste verdeling van de inzet van het Nederlandse klimaatbeleid over binnenlandse en buitenlandse bestedingen, niet uitsluitend gekeken moet worden naar de kosten. Ook de politieke en praktische haalbaarheid is van belang, evenzeer als het feit dat er nog meer maatregelen in eigen land mogelijk zijn, die meestal weliswaar duurder uitpakken en soms ook minder draagvlak hebben, maar die ook belangrijke bijkomende voordelen kunnen bieden.

Geloofwaardigheid
In de Uitvoeringsnota Klimaatbeleid stelt Minister Pronk voor om, in lijn met het regeerakkoord en op basis van een eerder ECN-rapport, in het kader van het VN Klimaatverdrag slechts de helft van de verplichte reductie van broeikasgassen (25 miljoen ton) in eigen land te realiseren. De andere helft (ook 25 miljoen ton) wil de Nederlandse overheid realiseren in het buitenland, bijvoorbeeld door het financieren van energiebesparingsprojecten in ontwikkelingslanden. Als belangrijkste argument voor het realiseren van broeikasgasreductie in het buitenland wordt steeds genoemd dat de reductie daar goedkoper kan plaatsvinden dan in Nederland. Het WNF is van mening dat de kosten niet het enige criterium mogen zijn voor de keuze tussen binnenlandse en buitenlandse inspanningen. Het gaat ook om de geloofwaardigheid van Nederland in internationaal verband; andere gunstige neveneffecten voor natuur en milieu; en de meer structurele voordelen op de lange termijn.

Afhankelijk van de gekozen opties is met een investering van tussen de 4 en 30 miljard gulden in eigen land een extra reductie van 25 miljoen ton broeikasgas te realiseren tot 2010, zo blijkt uit de nieuwe rapportage van ECN. Een groot deel van deze investeringen zal de binnenlandse bestedingen verhogen en daarmee zowel een impuls zijn voor de werkgelegenheid in eigen land als het nationaal inkomen positief beïnvloeden, aldus Sible Schöne, programmamanager klimaat van het WNF. Bovendien leidt het tot betere exportmogelijkheden voor producten zoals PV-cellen, windturbines en diensten op het terrein van energiebesparing en milieutechniek.

Politiek haalbaar
Het is ook nog maar zeer de vraag of de kostenvoordelen in het buitenland politiek en praktisch haalbaar zijn, stelt Sible Schöne. De mogelijkheden zijn er misschien dan wel, maar voorlopig komen internationale afspraken over maatregelen in het buitenland nog maar moeizaam van de grond. Regeringen aarzelen om de goed koopste reductiemogelijkheden snel tegen lage prijzen af te staan. De onzekerheid over wat er daadwerkelijk in het buitenland gedaan kan worden en tegen welke prijzen is groot.

Het rapport is op maandag 4 oktober 1999 door het WNF uitgereikt aan de leden van de Tweede Kamerleden die zich bezighouden met de Uitvoeringsnota Klimaatbeleid.
/////////////////////////////////////////////////////////////////////

Op aanvraag beschikbaar:

- 'CO-2 reductie in binnen- of buitenland?', rapportage door ECN uitgevoerd in opdracht van het Wereld Natuur Fonds

Deel: ' WNF Regering moet klimaatprobleem in eigen land oplossen '




Lees ook